Lachen

Wanneer gaat een baby lachen? En kan ik dit lachen oproepen?


Het wisselt een beetje per kind maar over het algemeen gaat een baby voor het eerst lachen wanneer hij een maand of twee oud is. Er zijn echter baby's die al vlak na de geboorte een soort van halflachje op hun gezicht krijgen. Dit is meer een reflex dan een echte lach. Als je baby echt gaat lachen merk je dat hij op je stem of je aanraking reageert. Hij vindt het prettig dat je er bent en laat dat met een lachje merken. Door dat lachje ga je als ouder automatisch ook vrolijk reageren. En darmee krijgt je baby weer extra aandacht, waardoor zijn lach ook weer wordt versterkt. Zo zorgt de lach er dus voor dat ouders en kind aan elkaar worden gebonden. En dat is voor je kind belangrijk, want hij is voor zijn voeding, warmte en verzorging tenslotte volledig van je afhankelijk!


Als je baby al eens echt gelachen heeft is de kans heel groot dat hij vaker gaat lachen. Hij wil graag contact met je en reageert op je aanwezigheid. Het is afhankelijk van zijn leeftijd wat hij heel erg leuk vindt. Maar kleine baby's van rond de drie maanden houden meer van zachte geluidjes en aanrakingen terwijl grotere baby's van rond de negen maanden vaak wildere spelletjes en hardere geluiden leuk vinden. Meestal reageert een baby op je als je hem aanraakt, een beetje kietelt en dezelfde geluidjes terugmaakt die hijzelf probeert te maken.


Een paar voorbeelden uit de ervaring van ouders: baby's van drie maanden lachen bijvoorbeeld als je met je wijsvinger in de beide wangetjes prikt en daarbij zachtjes heen en weer wiebelt, als je luidruchtig de voetjes met klapzoenen zoent, als je doet alsof je moet niezen, als je je ogen wijd openspert en 'oooo' zegt, als je je tong uitsteekt, als je terugpraat met dezelfde geluidjes die je baby maakt, als je kietelspelletjes doet bijvoorbeeld 'er komt een muisje aangelopen'. Oudere baby's lachen om: met je handen in je oren wapperen, kletsnatte blubberzoenen op het blote buikje geven, het geluidje van de Teletubbies, hard 'nee' schudden als je kind dat ook doet, dansen door de kamer, als je knuffels uit een tas tevoorschijn tovert, als je een bal naar hem toerolt, als je hem door de lucht laat vliegen.

Eenkennigheid

Wanneer wordt een baby eenkennig?


Over het algemeen wordt een baby rond de acht, negen maanden eenkennig. Je merkt dan aan je kind dat hij het liefst bij jou of je partner is, en dat hij zich wegdraait als hij vreemde gezichten ziet. Soms begint hij zelfs te huilen als hij bij opa of oma op schoot wordt gezet. Hij wil ook niet meer dat je wegloopt en begint dan ook te huilen. Die angst heeft overigens een heel positieve reden. Eenkennigheid ontstaat doordat je kind een sprong in zijn ontwikkeling doormaakt. Hij is plotseling in staat om jouw gezicht te herkennen. Voor die tijd herkende hij je aan je stem, je bewegingen, je geur, je vertrouwde uitstraling... maar nu ziet hij in een oogopslag dat jij het bent. Dat is heel prettig zolang hij je ziet. Maar ga je weg dan weet hij helaas nog niet dat je even later wel weer terugkomt. Jouw vertrouwde gezicht is in een klap uit zijn leven verdwenen, en dat maakt hem paniekerig. Dat betekent overigens niet dat je dus nooit meer weg kunt gaan. Want dan leert hij natuurlijk nooit dat je ook weer terugkomt. Het is het handigst om je baby zoveel mogelijk te laten ervaren dat jij of dat dingen even weg kunnen zijn, maar even later weer terugkomen. Een ideale oplossing daarvoor is het kiekeboe spelletje. Kiekeboe je verstopt je achter een bank, je doet een doekje over het gezichtje van je baby, je stopt een knuffel in een doos... en steeds komt het even later weer tevoorschijn. Zo leert je baby te verwachten dat je weer terugkomt als je weggaat en kan hij steeds langere perioden zonder jouw aanwezigheid overbruggen. De eenkennigheid kan een paar dagen duren, maar over het algemeen duurt het wel een paar weken.

Patronen

Waarom vinden baby's zwart-wit patronen zo leuk?


Baby's reageren vooral in de eerste manden van hun leven erg sterk op zwart-wit patronen, omdat daarbij grote contrasten zijn. Een jonge baby kan zich nog niet goed op de kleine objecten focussen. Hij moet het hebben van grote vlakken. En de scheiding tussen zwart en wit is daarbij het duidelijkst. Het blijkt ook dat baby's vooral gericht zijn op de rand tussen zwart en wit. Ook de overgang van schaduw en licht trekt zijn aandacht sterk. Daarom kijken baby's graag naar de schaduwen op het behang, naar de wapperende gordijnen voor het zonnige raam, en naar jouw gezicht. De rand van je donkere haren en je lichte huid zijn daarbij nog eens extra spannend.