Kliederen

Onze zoon van 16 maanden kan zijn avondeten vaak wel (een beetje) met een lepeltje eten. Maar na even proberen is het vaak leuker om lekker met de handen door de spaghetti, nasi of iets dergelijks te wroeten en het zo te eten of over de tafel te smeren. Wat is de leeftijd waarop we echt kunnen stimuleren dat hij een lepeltje gebruikt? Moeten we het geklieder en eten met de handjes nu al afleren? Hoe pakken we dat aan?


Het klinkt alsof jullie zoon heel normaal gedrag vertoont. Wat hij namelijk doet met al dat ‘kliederen’ is zijn eten onderzoeken. Volwassenen willen graag dat kinderen alles ‘zomaar’ via een lepeltje in hun mond stoppen het liefst nog zonder knoeien. Maar kinderen kijken daar heel anders tegenaan. Die willen eerst zien wat ze in hun mond krijgen. Daarom halen heel veel kinderen het hapje meteen weer uit hun mond als ze iets gevoerd krijgen. Als ze het hebben gezien, dan willen ze het ook graag voelen. Ze smeren het rond hun lippen omdat de lippen erg gevoelig zijn. Maar ze smeren het ook aan hun handjes, omdat ze daarmee de ‘plakkerigheid of vloeibaarheid’ goed kunnen testen. Wat ze verder nog interessant vinden is hoe het aanvoelt als je eten rondsmeert over het tafelblad, en of je het op de grond kunt gooien en hoe het dan op de vloer terecht komt. Spat het of niet, blijft het een klont of niet… Kortom, er valt aan eten zoveel te ontdekken voor een dreumesje dat je nog niet kunt verwachten dat hij de fase van ‘netjes met een lepel eten’ al ingaat. Die fase komt wel, als hij voldoende de gelegenheid heeft gehad om de ontdekkingsfase door te gaan. Ik zou jullie dan ook willen aanraden om jullie dreumes gewoon de gelegenheid te geven om af en toe lekker te kliederen. Natuurlijk niet altijd en niet met alles. Maar het is een onderdeel van het leren eten. Geef hem dus ook maar gewoon zijn eigen lepeltje in handen, al zal hij er ongetwijfeld ook mee gaan spetteren en meppen. Maar ook dat moet hij uiteindelijk zelf gaan leren. En dat moment komt wel. Maar nu nog niet. Wat je bijvoorbeeld kunt doen is hem een lepel geven en zelf ook een lepel hanteren. Zo kun je af en toe een hapje naar binnen manoeuvreren terwijl hij zelf gerust door kan gaan met zijn onderzoekingsdrang.