Moederskindje

Ik heb een zoontje van 15 maanden. Hij is een echt moederskindje en heel verlegen. Hij is wel erg slim voor z'n leeftijd en heeft een hoop dingen snel door. Afscheid ging altijd moeizaam, maar is momenteel dramatisch. Als ik bij de oppas (waar hij het erg naar zijn zin heeft) binnenkom klemt hij zich onmiddellijk aan mij vast. Thuis "speelt" hij veel afscheid nemen. Hij zegt dag en zwaait en kruipt dan weg waar hij mij niet kan zien, met veel enthousiasme komt hij weer te voorschijn. Het slapen is nu ook een groot probleem: we zijn nu een week bezig met de Kiekeboe-Methode, maar hij huilt nu iedere avond zeker 2 uur, en is dan zo overstuur dat ik uiteindelijk maar in de stoel in zijn kamer ga zitten dan valt hij zo in slaap. Moeten we toch doorgaan met deze methode of moeten we het erbij zitten en langzaam af gaan bouwen? Of is het beter om eerst aan het afscheid nemen te gaan werken?


Dat zijn een aantal vragen tegelijk die zeer sterk met elkaar te maken hebben. Je zoontje is op dit moment in een leeftijd waarin hij last kan hebben van verlatingsangst. Als kinderen tegen de anderhalf jaar oud worden wordt de wereld om hen heen steeds groter en spannender. Dat is enerzijds interessant, anderzijds eng. En dat enge zorgt ervoor dat een kind op deze leeftijd soms heel erg aan je kan hangen. Sommigen klemmen zich letterlijk aan je been vast. Je schrijft dat je kind altijd al een moederskindje was en verlegen is. Dat komt dus nog eens bovenop de ontwikkelingsfase met verlatingsangst. Dat je kind dus last heeft van het afscheid nemen is dan ook heel begrijpelijk. Toch probeert hij er zelf al iets aan te doen, want hij speelt veel ‘afscheid nemen’. Het is dus een belangrijk item voor hem. Hij wil wel steeds even alleen zijn, maar hij wil toch ook wel zeker zijn van het feit dat papa en mama er straks weer zijn als hij tevoorschijn komt. Ik raad je dan ook aan heel veel van die kiekeboe en verstopspelletjes met hem te doen. Varieer ze. Verstop jezelf, laat hem zich verstoppen. Maar de periodes die je wegblijft steeds langer… Je kunt ook even de kamer uitlopen en wel tegen hem blijven praten. Je kunt achter het gordijn gaan staan, je kunt je onder een dekbed verstoppen et cetera. Hou er rekening mee dat je dit soort spelletjes heel erg lang vol moet houden willen ze bij je kind effect hebben. Een kind leert door te ervaren, niet doordat je hem iets vertelt of iets een paar keer doet. Hij moet het zo vaak ervaren dat het een deel van hemzelf gaat worden. En daarvoor heb je zeker een periode van drie weken nodig waarin je consequent hetzelfde doet. Geef hem dus de tijd om aan het afscheid nemen te wennen. Met slapen geldt wat dat betreft exact hetzelfde. Je schrijft dat je bezig bent met de kiekeboemethode, maar dat het na een week nog niet goed gaat. Dat klopt. Een week is nog veel te kort voor een kind om te ervaren dat je een nieuwe aanpak met nieuwe regels hanteert. Vaak wordt het probleem juist nog erger na een week. Ik raad je aan de brochure ‘Slaapproblemen de baas’ er op na te lezen. Heb je die al in huis, lees hem dan nog een goed door en ga bij jezelf na hoe consequent je de methode toepast. Je schrijft namelijk dat je, doordat je kind wel twee uur huilt, uiteindelijk maar in zijn kamer gaat zitten. Daarmee gebruik je de kiekeboemethode niet zoals het hoort. Wat er gebeurt op dat moment is dat je je kind namelijk beloont voor zijn gehuil. Hij leert dan dat hij juist veel moet huilen en het lang moet volhouden, omdat papa of mama daarna wel komt en in zijn kamer gaat zitten. Als je het gevoel hebt dat de kiekeboemethode voor jou niet goed werkt, omdat je het moeilijk vindt de methode consequent vol te houden, dan kun je ook besluiten een andere aanpak toe te passen. Bijvoorbeeld de stap-voor-stap methode. Daarbij kun je bijvoorbeeld eerst naast je kind gaan slapen, en dan wat verder weg gaan liggen. Of je kunt een tijdje bij hem gaan zitten en die periode steeds korter maken. Zorg er wel voor dat je altijd weggaat voor hij in slaap is gevallen. Want anders voelt je kind zich erg in de steek gelaten als hij wakker wordt en je niet meer bij hem bent. Ik raad wat dat betreft aan om een keuze te maken. Of je blijft de hele nacht bij je kind slapen, of je neemt rustig en altijd op dezelfde manier afscheid.


Lees de brochure dus goed na en besluit welke methode je het beste past. En houd die methode dan ook zeker drie weken vol. Dat geeft resultaat. Veel succes.

Jengelen en huilen

Wij hebben 3 kinderen. Met de twee oudste meiden hebben we nooit problemen gehad. Nu hebben we een zoon van 14 maanden en hij trekt de hele dag aandacht door te gaan jengelen. Hij jengelt/huilt de hele dag door. De meiden van 6 en 9 jaar spelen daardoor steeds boven omdat ze dat gezeur van hem zo zat zijn. Wat kan ik aan dat aandacht trekken doen. Negeren of apart zetten of wat dan ook? Hij speelt nauwelijks met zijn eigen speelgoed, steeds hangt hij aan je benen en jengelt.


Je zoontje vertoont gedrag dat bij dreumesen erg vaak voorkomt, namelijk verlatingsangst. Veel dreumesen hebben hier last van. Ze hangen dan de hele dag aan je been, willen opgetild worden of jengelen voortdurend. De reden van dit ‘gezeur’ is dat ze het moeilijk vinden om alleen gelaten worden. Je kunt het zien als een soort tweede periode van ‘eenkennigheid’. Toen je kind negen maanden oud was werd hij voor het eerst eenkennig en ontdekte dat mama bijzonder is, maar soms ook wel eens weg kan gaan. En dat maakte hem angstig. Nu is je kind zo groot geworden dat hij intussen weet dat jij af en toe weg kan gaan en ook wel weer terug komt. Maar tegelijkertijd is je dreumes ook bezig met de wereld te ontdekken. Alles is nieuw en spannend voor hem. Waarschijnlijk is hij al bezig met lopen of kruipt nog als een razende Roeltje de kamer rond. Dat is leuk en spannend, maar het is ook een beetje griezelig. Zeker wanneer dreumesen ontdekken dat ze wat ver weg gekropen zijn kunnen ze plotseling paniekerig worden. En zo’n paniekaanval kan heel lang duren. Soms zijn dreumesen zelfs wekenlang aanhankelijk. Dit langdurige angstige gedrag wordt enerzijds veroorzaakt door de verlatingsangst (mama komt wel terug meestal, maar… nu ook?). En anderzijds kan het ook een soort gewoonte van je dreumes worden. Want dreumesen hebben al goed in de gaten hoe jij als ouder op hun gedrag reageert. Je schrijft dat de oudste meiden al naar boven gaan omdat ze het gejengel behoorlijk zat worden. Maar jij als moeder zult het waarschijnlijk niet zo gemakkelijk kunnen negeren. Probeer bij jezelf eens na te gaan hoe je precies op je kind reageert. Schrijf het bijvoorbeeld een paar dagen lang op. De kans bestaat dat je zoveel aandacht aan het jengelen geeft dat je dreumes er juist langer mee door gaat. Zo zijn bijvoorbeeld veel ouders bezig met voortdurend ‘wegzet-gedrag’. Daarmee bedoel ik dat je een zeurende dreumes dan steeds van je af probeert te zetten, juist omdat hij zich zo opdringt. Je wordt het dan gewoon een beetje zat allemaal en je wilt ook wel eens tijd voor jezelf. Maar het lastige is, dat je kind voelt dat je hem eventjes ‘kwijt’ wilt en daardoor nog heftiger aan je gaat hangen. Merk je dat jij ook met dit wegzet-gedrag bezig bent, dan is het goed om dit patroon drastisch te doorbreken. Leer jezelf aan om je dreumes geregeld even heel intensief aandacht te geven, bijvoorbeeld door vrolijk naar hem toe te gaan en te zeggen: ‘Wij gaan iets leuks doen’. Dan kun je hem op tillen, met hem door de kamer te dansen of een spelletje met hem te doen of hem voor te lezen. Je geeft hem dan echt veel aandacht. Ben je klaar, dan zeg je: ‘Zo, we zijn klaar, nu ga je even zelf spelen’. Je geeft hem een speeltje en je staat op en gaat iets anders doen. Met je hele lichaamshouding straal je kordaatheid uit. Dat is belangrijk. Als je kind begint te dreinen of te huilen zeg je: ‘Jij mag best even boos zijn, ga maar even boos huilen’. Daarmee geef je toestemming aan zijn gedrag, maar wind je er niet over op. En je probeert het ook niet te stoppen. Hierdoor leert je kind dat hij mag brullen en huilen, maar dat hij daarmee niet extra veel nieuwe aandacht krijgt. Natuurlijk is het in het begin heel lastig voor je kind, daarom is het goed om te beginnen met korte tussenpozen. Je doet dan een spelletje met je kind, zet hem dan een paar minuten alleen aan het spelen. En daarna ga je weer naar hem toe voor wat extra aandacht. Zeg maar weer hetzelfde, zodat het een soort herkenbaar ritueel voor je dreumes wordt. Ook bij het stoppen zeg je hetzelfde, zodat je dreumes langzamerhand weet waar hij aan toe is. Hij leert dan dat er een tijd is om alleen te spelen, én een tijd om met mama of papa iets leuks te doen. En dat papa en mama uit zichzelf naar hem toekomen om iets gezelligs te ondernemen. Langzamerhand zal hij hierdoor steeds minder gaan ‘claimen’. Maar het duurt wel drie weken voor dit eindelijk tot hem doordringt. Dus je moet wel goed volhouden als ouder!

Kan niet alleen spelen

Mijn zoontje van 16 maanden kan niet goed alleen spelen. Al sinds zijn geboorte kon ik hem niet even alleen in de box laten liggen of zo. Op de crèche gaat het echt super goed, maar op de dagen dat ik alleen met hem ben moet ik de hele tijd met hem spelen en kan ik echt niets voor mezelf doen. Hebben jullie tips hoe ik hem kan leren ook (even) zichzelf te vermaken. Hij heeft voldoende speelgoed thuis, dus daar ligt het niet aan.


Je wilt je zoontje leren om zichzelf te vermaken, maar realiseer je je ook dat je zoontje al een prachtig spelletje ontdekt heeft? Hij heeft voldoende speelgoed zeg je, maar het allermooiste speeltje noem je niet. Dat ben jij namelijk zélf. Je zegt dat je niets voor jezelf kunt doen als je met hem alleen bent. Dat betekent dat hij je goed om zijn vingertje heeft gewonden. Hij heeft ontdekt dat wanneer hij piept of roept jij er voor hem bent. Dat is natuurlijk ook heel belangrijk in verband met zijn gevoelens van veiligheid. Maar een kind van 16 maanden kan de grens zelf niet trekken. Hij kan niet tegen zichzelf zeggen dat hij zich veilig genoeg voelt en best eventjes alleen kan spelen. Hij kan alleen nog maar méér eisen en nog meer eisen. Daarom wil hij steeds meer aandacht van jou hebben. Zolang jij op zijn eisen in gaat zal je dreumes zijn gedrag niet stoppen. Hij vindt het prima zo, met dat prachtige mama-speeltje. Het is dus goed om orde op zaken te stellen. Schrijf gedurende een paar dagen eens op wat je eigenlijk de hele dag voor en met hem doet. Omschrijf bijvoorbeeld wat hij precies doet om jouw aandacht te trekken. Hoe jij dan reageert, en hoelang je hem dan aandacht geeft. Omschrijf ook hoelang hij alleen bezig is en wat hij dan doet. En hoe hij zich gedraagt als je even weg wilt gaan. Kortom, maak duidelijk voor jezelf wat er precies gebeurt als jij eigenlijk wilt dat hij alleen speelt. Hoe meer je zegt en hoe meer je voor hem doet (al is het mopperend), hoe sterker je de boodschap geeft dat hij vooral door moet gaan met zijn claimende gedrag. Wanneer je hebt ontdekt op welke momenten van de dag je kind het meeste aandacht vraagt, en hoe jij op hem reageert kun je een stappenplan maken om dit gedrag aan te pakken. Je gaat daarbij stapje voor stapje toe naar de voor jou ideale situatie. Stel bijvoorbeeld dat je heel graag wilt dat hij een kwartier in de box speelt, dan is het logisch dat hij dat niet meteen een kwartier vol kan houden, als je voor die tijd altijd met hem aan het spelen was. In dat geval bouw je de tijd dat je met hem speelt steeds met een minuutje af en dat minuutje zet je hem dan even in de box. Daarna haal je hem er weer uit en ga je weer heel wat anders doen. Dus je start met veertien minuten spelen en een minuut in de box. Daarna ga je dertien minuten spelen en je zet hem twee minuten in de box. Dan twaalf minuten etc. Dit is een heel strak schema, maar er zijn uiteraard allerlei variaties mogelijk. Het gaat erom dat je je kind langzamerhand aanleert om in de box te zijn. Loop maar eventjes weg om hem te laten zien dat hij echt even alleen is. Is de tijd om dan kom je vrolijk naar hem toe en zeg je: ‘Zullen we even naar buiten gaan kijken naar die rode auto?’ of iets dergelijk. Je troost hem niet extra, want daarmee geef je aan dat hij zielig is in de box. En dat is hij niet, hij is gewoon boos. En dat mag best. Maar hij leert meteen ook dat hij soms even alleen kan zijn. En dat is een hele belangrijke prestatie. Houd er rekening mee dat voor een kind een leerproces heel langzaam gaat. Een kind leert niets van een paar dagen eenzelfde aanpak. Een kind leert alleen wat van een aanpak die drie weken lang hetzelfde is. En pas na die drie weken is voor hem duidelijk dat je voortaan anders doet. Hou dus vol, laat je niet weerhouden door een boze dreumes. Wees je bewust van je doel en ga erop af. Hoe gedecideerde je uitstraling is, des te duidelijker het voor je dreumes is.