Continu wakker worden

Onze zoon van bijna 15 maanden wordt sinds een aantal weken ’s nachts huilend wakker. Ik heb de indruk dat hij eng gedroomd heeft. Ik ga kijken wat er aan de hand is, probeer hem te troosten en laat vervolgens een lampje branden als ik weg ga. Meestal is het dan ook goed en huilt hij niet meer (wanneer ik het lampje uitdoe begint hij weer te huilen en ik het daardoor de indruk dat hij bang in het donker is). Het probleem is dat ik zelf niet meer in slaap kom nadien. Ik lig soms wel zo’n 4 uur later nog wakker en ik voel me onderhand gebroken. Nu heb ik het idee om zelf een keer op een matras beneden te gaan slapen zodat ik zelf een nacht onafgebroken kan rusten, maar ik voel me dan schuldig bij het idee. Want ik vraag me af of ik mijn kind dan niet te kort doe wanneer ik niet naar hem toe ga als hij huilt. Mijn man is regelmatig ’s nachts niet thuis omdat hij nachtdienst heeft. Wat kan ik doen?


Jij geeft goed aan wat bij slaapproblemen over het algemeen zo lastig is. Een slaapprobleem is nooit het probleem van het kind, het is het probleem van de ouders. Je kind wordt even wakker, en jij gaat er meteen naar toe. Je doet zelfs zijn lampje voor hem aan. Jij zit echter daarna met de brokken. Je kunt niet meer slapen, en je voelt je schuldig als je een manier probeert te bedenken om wel je broodnodige slaap te krijgen. Dit probleem zal je kind echt niet uit zichzelf gaan veranderen. Waarschijnlijk is hij gewend geraakt aan een slaapritme waarbij hij als hij lichter slaapt (droomslaap) eventjes wakker wordt om jou te roepen. Hij kan er zelfs aan gewend zijn geraakt om wakker te worden zodat jij het lampje aan kunt komen doen. Hij rekent op jouw gedrag. Het is een onderdeel van zijn nacht geworden. En zodra je ervan afwijkt (bijvoorbeeld door het lampje uit te doen), gaat hij huilen. Want hij verwacht dat niet. Jij bent zo aardig dat je voor hem gaat invullen waar hij last van had. Je zegt dat hij vast gedroomd heeft, en dus het licht nodig heeft. Of dat zo is kun je echter niet weten. Het is je eigen interpretatie. En die interpretatie zorgt ervoor dat jij slecht blijft slapen.


Als je dit probleem wil aanpakken zul je eerst moeten nagaan wat je eigenlijk tegenhoudt om beneden te gaan slapen. Je zegt dat je vindt dat je je kind tekort doet. Maar waarom eigenlijk? Wat houd je nu precies tegen? Er kan van alles meespelen. Misschien is je kind wel eens ziek geweest en denk je bij elke huil ’s nachts dat hij nu weer ziek is? Misschien kun je niet tegen huilen? Misschien heb je zelf een akelige ervaring gehad met nachtmerries als kind en ben je bang dat je eigen kind dat ook heeft? Er kunnen allerlei redenen zijn. Het is belangrijk dat jij gaat uitvinden wat jouw reden is, want het vormt een belangrijke blokkade voor je. Die blokkade houd je tegen om actie te ondernemen en het slaapgedrag van je kind aan te pakken. Een klein kind heeft het in principe niet nodig om vaak wakker te worden ’s nachts, hij heeft het niet nodig om ’s nachts extra aandacht te krijgen, en hij heeft het ook niet nodig om een lampje te krijgen. Maar als een kind er eenmaal aan gewend is, dan vindt hij het wel best zo. Jij zult dus iets moeten doen om hem te wennen aan een andere aanpak. Dat vindt een kind niet leuk, dus die gaat protesteren. En dat doet hij precies met dát gedrag waar hij aandacht mee krijgt. Kun jij dus slecht tegen zijn huilen en reageer je daar altijd op, dan gaat een kind juist huilen. Want hij weet instinctief dat dit effect heeft. Jij kunt alleen een verandering doorvoeren wanneer je ervan overtuigd bent dat je aanpak goed is, dat hij zal gaan werken, en dat je kind er wel bij vaart. Die aanpak is te maken, maar alleen als jij al je blokkades boven tafel hebt gekregen zodat je er bij de aanpak rekening mee kunt houden. Ben je bijvoorbeeld bang dat je kind misschien wel ziek is, dan zal deze blokkade uit de weg geruimd kunnen worden als je kind grondig medisch onderzocht wordt en gezond verklaard wordt. Jij moet het gevoel krijgen van: ‘Ik ga ervoor’. En als je dat gevoel hebt kun je een kind in drie weken tijd een andere structuur aanleren. Speelt mee dat je je schuldig voelt om ineens ergens anders te gaan liggen, terwijl je man ook niet thuis is, dan kan dit ook een blokkade zijn. Zo’n blokkade kun je opruimen door bijvoorbeeld stapje voor stapje naar je doel toe te werken.


Wil je weten hoe dat in zijn werk gaat, lees dan de slaapbrochure ‘Slaapproblemen de baas’.

Leeftijd of slaapprobleem?

Ik heb een dochtertje van bijna 17 maanden en sinds ongeveer 6 weken wordt ze 's nachts gillend wakker. Ik ga er meestal naartoe om te troosten en leg haar weer in bed. Dan gaat ze weer over de rooie en als ik haar oppak klampt ze zich echt aan me vast. Dan neem ik haar even mee in ons bed en leg haar na 10 minuten weer terug. De ene keer gaat ze dan wel slapen met wat gehuil, de andere keer begint ze van voren af aan. Ik word daar af en toe helemaal mal van. Eerst dachten we dat de tandjes doorkwamen, en stonden er drie kiezen op springen. Maar als ik haar oppak is ze wel stil dus pijn heeft ze volgens mij niet. We hebben de 5 minutenregel. Dus 5 minuten laten huilen, dan even een kus en knuffel en weer weggaan meerdere malen herhaald. En deze ook gevarieerd, dus dan 5 minuten, dan 10 minuten en zo voort. Maar na een aantal dagen heb je dat wel gehad en leek dit niet echt een uitkomst te zijn. Is dit gewoon een fase waar onze dochter doorheen moet?


Het kan best zijn dat het slaapprobleem ontstaan is door de ‘fase’ waarin je dochter nu zit. Kinderen van anderhalf, twee jaar oud kunnen last krijgen van ‘verlatingsangst’. Doordat ze al zo groot zijn worden ze heel ondernemend en gaan alles onderzoeken en bekijken. Dat is leuk aan de ene kant, maar ook griezelig. Zeker wanneer ze ontdekken dat jij niet in de buurt bent kunnen ze dan in paniek raken. Dat kan overdag gebeuren, zodat ze zich aan je been vastklemmen. Maar dat gebeurt ’s nachts ook. Je kind wordt dan wakker en merkt: ‘Help, mama is weg!’ Dus zet ze het op een gillen.


De fase kan dus inderdaad de oorzaak geweest zijn. Alleen betekent dit helaas niet dat je kind vanzelf weer rustig zal gaan slapen als de ‘fase’ voorbij is. Want je dochter heeft nu al zes weken hetzelfde gedrag vertoond. Daarmee is ze gewend geraakt aan een nieuw nachtritme. Haar ritme is geworden: ik ga naar bed, ik word wakker, ik ga gillen en mama komt, mama gaat weer weg, ik ga weer gillen, en ik mag bij mama in bed… Dat gene wat je dus doet om haar te troosten zorgt er voor dat ze de volgende nacht weer wakker wordt, in de verwachting dat je weer komt troosten. Ze heeft dus een soort wekkertje in haar hoofd dat midden in de nacht afgaat. Daarom is ze ook stil zodra je haar oppakt. Haar probleem is op dat moment voorbij. Ze wilde bij jou zijn, en dat is ze zodra ze in je armen ligt.


Je schrijft dat je geprobeerd hebt het probleem met de 5 minuten methode aan te pakken, maar dat je hier na een paar dagen weer mee stopte. Ik kan me voorstellen dat je het een erg zware methode vond. Je schrijft dan ook ‘na een aantal dagen heb je dit echt wel gehad’. Het is ook een moeilijke aanpak. Zeker als je hoopt na een paar dagen al resultaat te hebben. Want dat is nooit zo. Een klein kind leert iets nieuws niet in een paar dagen, maar in een paar weken aan. Je dochter leert door ervaring, doordat iets steeds weer opnieuw wordt herhaald. De methode kan dan ook zeker helpen, maar dan moet je er in ieder geval drie weken voor uittrekken en in die tijd consequent op dezelfde manier naar haar toegaan. Hiermee leer je haar dat alles veilig is, dat je haar nooit in de steek zult laten, maar dat ze wel in bed blijft en dat er verder niets interessants meer gebeurt.


Zie je hier erg tegen op, of denk je dat je op deze manier echt niet van het slaapprobleem af zult komen, dan raad ik je aan de brochure ‘Slaapproblemen de baas’ via deze site aan te vragen. Daarmee kun je er achter komen wat er allemaal meespeelt en welke methode voor jullie dan wél geschikt is.

Huilend wakker worden

Mijn dochter van 19 maanden slaapt al vanaf het begin erg slecht. Ze gaat wel makkelijk slapen, maar wordt ’s nachts regelmatig huilend wakker. Ook ’s morgens en na het middagslaapje wordt ze altijd huilend wakker. We hebben ook de Kiekeboe-Methode uit jullie brochure geprobeerd. We proberen hier zo consequent mogelijk mee door te gaan, maar het gaat soms een week goed, maar dan weer twee weken niet.


Je laatste zin maakt me nieuwsgierig naar wat je precies doet ’s nachts als je kindje wakker is geworden. Je gebruikt daarin het woord ‘proberen’ evenals in de zin ervoor. Ook de woorden ‘zo consequent mogelijk’ vallen me op. Zoals je in de brochure ‘Slaapproblemen de baas’ kunt lezen kan dit namelijk je valkuil zijn. Een klein kind leert door ervaring, en als je je dochter iets wilt leren moet je minimaal drie weken heel consequent zijn en altijd hetzelfde doen en zeggen. Alleen daardoor ontdekt ze dat er een bepaalde regel in huis geldt. Als je iets gaat proberen, en als je probeert zo consequent mogelijk te zijn, dan haal ik daar uit dat het misschien niet altijd lukt om hetzelfde te reageren. Je geeft je kind daarmee de boodschap dat het niet altijd op dezelfde manier gaat. En op het moment dat je methode iets afwijkt, begint haar leerproces weer opnieuw. Dat betekent dat je vanaf dat moment weer drie weken lang hetzelfde moet doen voordat bij haar het muntje valt. In die situatie kun je eindeloos door blijven modderen, omdat je telkens te kort eenzelfde aanpak hebt en het je kind niet duidelijk wordt wat de regels ’s nacht precies zijn.


Ik zou jullie willen aanraden om na te gaan hoe het komt dat het niet lukt om consequent te zijn, en waarom jullie het woord ‘proberen’ gebruiken. Vaak is dan nog sprake van een blokkade die storend werkt bij de slaapaanpak die jullie hebben gekozen. Een voorbeeld: als je graag consequent wilt zijn, maar bang bent dat je kind een ziekte onder de leden heeft, dan zul je nooit écht doorzetten. In dat geval is het nodig om eerst de huisarts naar je kind te laten kijken. Als je weet dat ze echt ziek is, dan is het goed te wachten tot ze weer beter is voor je de aanpak start. Zo kunnen er allerlei storende bijgedachten zijn. Pas als je die boven water hebt, en uit de weg ruimt of er in je aanpak rekening mee houdt, kun je écht doorzetten. In de brochure kun je nalezen hoe je met blokkades om kunt gaan.


Ik zou jullie dan ook willen aanraden om samen uit te vissen hoe het komt dat de methode niet werkt, wat er voor een ‘kink’ in de kabel is gekomen. En je aanpak daarop aan te passen.