Aandacht vragen

Mijn dochter (2,5 jaar) is erg dwars sinds ze een nieuw broertje heeft. Als ik de baby de fles geef, begint zij met aandacht te vragen: ze gooit met dingen, ze keert haar volle beker om, steekt vingers in het stopcontact, hangt aan de gordijnen, etc. Ik voel me dan heel machteloos omdat ik niet direct kan ingrijpen. Hoe kan ik het beste hiermee omgaan? Ik probeer te haar te negeren waar dit mogelijk is, en haar afleiden lukt niet altijd. Als ik snel kan ingrijpen zet ik haar even op de gang, maar ze ziet dit niet als straf. Ze speelt rustig even in haar eentje. In de hoek van de kamer zetten is ook geen succes omdat ze dat met het stopcontact gaat spelen. Hoe kan ik grenzen stellen als ze de straf niet als straf ziet?


Heel simpel, ga er niet vanuit dat je peuter snapt wat straf geven is. Daar is zij nog te klein voor. Je kunt een peuter niet straffen omdat hij oorzaak en gevolg nog niet goed kan voorspellen. Zij kan alleen ervaren dat zij op een gegeven moment straf krijgt, maar wat dit betekent begrijpt zij niet. Dus zal zij een volgende keer het lastige gedrag weer herhalen als de situatie daartoe uitnodigt. Je kunt van alles uitleggen, maar zij zal alleen maar merken dat je wel heel veel tegen haar praat als zij iets stouts doet. En dat zorgt er ook weer voor dat je kind het gedrag gaat herhalen. Want dan komt mama weer iets zeggen! Straffen werkt niet. Wat werkt wel? Als je kunt ingrijpen is de beste aanpak je kind oppakken en uit de aantrekkelijke situatie halen. Dus weghalen van het stopcontact, of bij de gordijnen of bij de speeltjes wat zij mee gooit. Zet je kind even apart. Het verschil met je eigen aanpak in deze is niet zo groot. Maar het verschil is wel dat je niet gaat verwachten dat je kind leert van die time-out en nadenkt over wat ze verkeerd deed. Het gaat er puur om dat je kind uit de aantrekkelijke situatie wordt weggehaald en even tot rust kan komen op een neutrale plek. Als je dit maar vaak genoeg herhaalt (en daarmee bedoel ik echt vaak, zeker drie weken achter elkaar), dan valt op een gegeven moment het munt en ontdekt een peuter dat zij beter niet bij het stopcontact kan komen want dat zij dan ineens in haar eentje op een neutrale plek zit. Het feit dat je kind op de gang gewoon verder gaat spelen is dus helemaal niet erg. Het is niet het doel om van de gang een nare plaats te maken. Ze mag best op de gang spelen. Daar is niets op tegen.


Wat in jullie geval mee kan spelen is het feit dat je even met de baby bezig bent en je peuter ontdekt dat ze geen aandacht van je krijgt. Veel oudste kinderen hebben daar last van. Zeker een peuter die altijd het enige prinsesje is geweest en alle aandacht kon krijgen, moet nu ineens de liefde delen. En kinderen hebben daar best last van. Het is dus heel goed mogelijk dat je dochter met haar lastige gedrag laat weten dat ze het moeilijk heeft met de geboorte van het broertje. Geef haar daarom geregeld alleen aandacht, zonder broertje erbij. Vraag haar ook niet om rekening te houden met de baby, maar laat haar ook geregeld klein baby’tje zijn als ze dat wil. Sommige peuters vinden het heerlijk om de plek van de baby in te mogen nemen en een fles te krijgen en te trappelen met armen en benen. Nodig haar daar maar geregeld voor uit, bijvoorbeeld elke avond eventjes. Gaat je dochter erop in, dan betekent dit dat ze het inderdaad hard nodig heeft om klein te mogen zijn. Het dwarse gedrag wordt na een tijdje wel minder als je peuter went aan de nieuwe gezinssituatie. Het is nu gewoon een beetje veel allemaal. Het is natuurlijk het handigste wanneer je kunt voorkomen dat je dochter je aandacht wil hebben terwijl je met de baby bezig bent en je dus gebonden bent. Soms kun je dat wat handiger plannen, bijvoorbeeld door je baby te voeden als je peuter een middagslaapje doet. Maar dat is uiteraard niet altijd zo te regelen. Laat je dochter in zo’n geval merken dat jij heel goed ziet wat ze doet en dat heel bijzonder vindt, ook al ben je de baby aan het voeden. Je kunt bijvoorbeeld tegen de baby vertellen wat de oudste aan het doen is. Op die manier voelt je peuter dat ze gezien wordt, ook al krijgt de baby aandacht. Benoem niet hoe groot en knap en verantwoordelijk je peuter al is, maar vertel gewoon wat ze doet. Een peuter wil niet groot zij als er een baby bij is. Een peuter wil dan net zo zijn als de baby. Klein en afhankelijk. Want dán krijg je aandacht. En dat wil een peuter van twee heel erg graag krijgen.

Boos op baby broertje

Wij hebben een dochter van 3 jaar en een zoon van 1 jaar. Meerdere keren op een dag is er drama. Of onze dochter pakt wat af, of ze smijt met speelgoed, of ze knijpt ze fijn. Ze zegt ook wel twintig keer (niet overdreven) op een dag dat hij stout is. Na zo’n incident moet ze voor straf naar de deurmat (de strafplek) en roept steevast na 20 seconden ‘mama ik zal het nooit meer doen’. Om vervolgens na 5 minuten weer wat anders bij hem uit te halen. Gelukkig zit onze zoon nog veel in de box, want op de vloer heeft hij eigenlijk geen leven. Zolang je haar alleen hebt is er niks aan de hand, maar kennelijk is ze gewoon erg jaloers als hij ook aandacht krijgt. Ze doet ook alles wat hij ‘zegt’ of doet na. Onze vraag is nu: hoe kunnen we haar nou het beste aanpakke


Straffen en redelijk praten zijn inderdaad methodes die bij een peuter vaak niet goed aanslaan. Dat komt doordat een peuter nog niet op het niveau denkt en handelt van een basisschoolkind. Een straf kan alleen werken als een kind in staat is te begrijpen dat hij iets verkeerd deed, maar óók hoe hij het de volgende keer kan voorkomen. Een peuter leeft erg bij het moment. En van het ene moment komt hij in het volgende moment terecht. De weg er tussen in is voor hem nog niet duidelijk. Dus plannen en voorkomen dat je straks weer straf krijgt door slim te handelen is er bij een peuter nog niet bij. Je kunt een peuter wél trainen. Net zoals je een hond kunt trainen. Die vergelijking is wat oneerbiedig misschien, maar het proces is wel vergelijkbaar. Wanneer je een peuter drie weken lang exact dezelfde aanpak geeft, en voortdurend herhaalt herhaalt herhaalt… dan slijpt de ervaring steeds dieper in de hersenen in en wordt uiteindelijk voor je kind duidelijk hoe de vork in de steel zit. Maar jij als ouder moet dan wel het uithoudingsvermogen en geduld hebben om drie weken lang voortdurend hetzelfde te doen zonder te twijfelen of het wel de juiste methode is.


Wat het redelijk praten betreft: ook dit werkt bij een peuter meestal averechts. Sommige peuters luisteren gewoon meteen niet naar je, of kijken alle kanten op als je tegen ze praat. Andere peuters gaan juist een heel redelijk gesprek met je aan en geven overal het goede antwoord op. Maar na vijf minuten doen ze meteen weer wat je nét had verboden. Met redelijk praten reageert een peuter namelijk niet zozeer op de inhoud van wat je zegt. Zij reageert op het feit dat je praat. En dat praten vindt zij prettig, het is een manier van aandacht krijgen. Dus probeert een peuter soms op allerlei manieren zo’n gesprek langer te laten duren. Zij voelt dan aan welk antwoord je verwacht. En dat vult zij dan in. Maar waar het gesprek werkelijk over gaat… dat gaat aan haar voorbij. Dus als je stopt met praten, gaat zij gewoon door met waar zij gebleven was. Of zij probeert je weer aan het praten te krijgen. En dan doet zij dus meteen weer wat jij had verboden.


Wil je je peuter goed aanpakken dan is dus enerzijds een duidelijke aanpak die altijd hetzelfde is heel belangrijk. Doet zij iets akeligs tegen haar zusje, zeg dan niet teveel, maar handel meteen. Zet haar inderdaad maar op de gang of op een mat. Dat is geen strafplek, want de straf helpt nog niet. Maar het is wel een geschikte plek voor een time-out. Als je het steeds herhaalt leert zij dat zij op die plek boos mag zijn. Maar zij leert ook dat er niet zoveel aan is zo alleen op de mat.


Aan jullie verhaal zit echter ook een andere kant. Jullie schrijven dat je veel moeite hebt met het gedrag van je dochter, en dat het heel zielig is voor het kleine broertje. En dat is ook waar. Maar je peuter heeft waarschijnlijk goed in de gaten dat jullie medelijden hebben met de kleine jongen. En de jaloezie die een peuter sowieso al heeft wordt daardoor alleen maar groter. Daarbij komt, dat een baby als hij gaat kruipen en lopen héél erg lastig wordt voor een peuter. Kleine hummeltjes banjeren door je speelgoed heen, ze verscheuren je tekening als je niet uitkijkt, ze beginnen te roepen of te zingen als je televisie kijkt… kortom ze zijn bijzonder storend voor het peuterspel. En met het gedrag wat jullie peuter vertoont geeft ziij dan ook aan dat zij zich beklemd voelt. Zij maait letterlijk om zich heen om meer ruimte voor zichzelf op te eisen. Probeer daarom niet alleen haar negatieve gedrag in te perken, maar zorg ook dat je peuter méér bewegingsvrijheid krijgt. Een paar tips:


- laat je peuter speeltjes uitkiezen waar de jongste écht niet aan mag komen. Geef haar een speciaal kastje met een slot, of een hoge plank in de kamer waar het broertje niet bij kan. Daar komen de speeltjes te staan, en alleen je peuter mag bepalen wanneer het speelgoed gepakt wordt. Zorg ook voortdurend dat je je peuters behoefte aan eigen spullen steunt door regelmatig tegen je zoon te zeggen: ‘Daar mag jij niet aankomen, dat is van je grote zus’. Op die manier voelt je dochter zich gesteund door jou en hoeft zij minder voor zichzelf op te komen.


- Als je de jongste in de box zet of hem naar bed brengt, zeg dan tegen je oudste: ‘Zo nu kan jij lekker rustig spelen. Het is ook wel druk hè, zo’n broertje om je heen’. Op die manier voelt zij zich ook gesteund door jou en voelt dat zij ook tijd en ruimte voor zichzelf krijgt. Vraag niet van de oudste om lief te zijn voor haar broertje, of om te helpen bij het verzorgen. Benadruk niet dat zij de oudste en grootste is. Dat zijn allemaal dingen waar peuters erg jaloers van kunnen worden. Peuters willen namelijk eigenlijk heel graag de plek van de jongste krijgen. Soms helpt het om dat aspect voor je peuter te benadrukken. Vraag bijvoorbeeld eens speels of zij nu het kleine baby’tje wil zijn. Wil zij dat wel, dan kun je bijvoorbeeld elke avond een halfuurtje samen tuttelen alsof zij een baby is. Een flesje geven, wiegen, naar haar praten alsof zij een baby is. Sommige peuters vinden dit zo fijn dat ze steeds baby-achtiger gaan doen. Dat lijkt griezelig maar dat is helemaal niet erg. Meestal duurt het wel een paar weken voor peuters genoeg krijgen van dit babyspel. Dan hebben ze voldoende mogen ervaren dat hun babyplaats nog steeds beschikbaar is. En dan zeggen ze vaak ineens: ‘Zo dat flesje hoef ik niet meer, ik ben geen baby’. Vaak is dan het jaloerse gedrag ook verminderd en komt alles wat meer in evenwicht. Loopt de jongste veel door het speelgoed van de oudste heen, of is zij daar bang voor, bespreek dan samen waar hij het beste en veiligste kan spelen. Misschien is dat op de tafel, of misschien vindt zij het fijner om bepaald speelgoed op zijn eigen slaapkamer te houden en daar te spelen. Je kunt ook afspreken dat bepaalde spullen alleen beneden komen als de jongste slaapt.


Waar het bij dit gedrag in ieder geval voortdurend om draait is dat je peuter zich verdreven voelt van haar plek als het prinsesje in huis. En dat is voor haar zo onverteerbaar dat zij de jongste voortdurend als een grote bedreiging ziet. Omdat zij groter is en sterker, ga je als ouders gemakkelijk de jongste in bescherming nemen. Maar het is belangrijk je te realiseren dat de oudste pas drie jaar oud is. En dat is ook nog heel erg klein. Ook zij heeft bescherming nodig. Tegen zichzelf én tegen de jongste.

Afwijzend naar mama

Mijn zoontje is 2 jaar en drie maanden. Mijn dochtertje is 4 en een halve maand. Tijdens mijn zwangerschap (op het laatst) trok mijn zoontje heel erg naar zijn vader toe. Dit omdat ik niet meer kon stoeien en optillen en steeds moest zeggen, pas op voor mama's buik. Het werd zo erg dat hij soms niks meer met mij te maken wilde hebben, heel pijnlijk. Na de bevalling is dit gedrag gelukkig met wel 50 procent afgenomen maar zelfs nu is hij soms nog heel afwijzend naar mij. Als ik hem bijvoorbeeld naar bed wil brengen zegt hij heel boos; NEE PAPA! En zo gaat het met meer dingen. Ik ben echt bang dat hij mij minder lief vindt dan zijn vader. Ik ben soms namelijk wel strenger (en ook ongeduldiger) dan mijn vriend is. Ik word er heel onzeker van en ben angstig dat hij altijd zijn vader over mij prefereert.


NEE, je zoontje vindt jou echt niet minder lief dan papa. Hij is alleen maar in de leeftijd waarin hij graag nee wil zeggen tegen van alles en nog wat. En dus ook tegen jou. Hij zal ook ontdekt hebben dat jij dat niet leuk vindt. Ga eens na hoe je eigenlijk reageert op zijn afwijzing. Word je verdrietig? Word je een beetje mopperig? Probeer je hem af te leiden of loop je boos weg? Al die reacties geven je zoontje aandacht. Maar hij wordt er ook wel erg onzeker van. En onzekere peuters gaan vaak door met het zelfde gedrag. Om uit te testen of je de volgende keer ook zo reageert. Wat ik je aanraad is het volgende:


-Zeg tegen jezelf dat jij niet wordt afgewezen.
-Roept hij ‘nee’ tegen je zeg dan: ''Ik vind jou toch de allerliefste''
-Spreek met je partner af dat hij dingen niet gaan ‘overnemen’ als je zoon jou afwijst.

Op die manier leer je je kind dat hij best ‘nee’ mag roepen tegen mama, maar dat de dingen gewoon blijven zoals ze zijn. Je kunt zelfs samen ‘nee’ gaan roepen, gewoon om hem te leren dat het woordje ‘nee’ een prachtig woord is, maar dat het niet betekent dat mama niet lief is.


Hou het minimaal drie weken vol. Dan zal je peuter gewend zijn aan je nieuwe aanpak en stoppen met zijn nee roepen. Want hij weet dan hoe jij reageert, en daardoor heeft zijn nee roepen geen zin meer.