Heftige veranderingen

Ik heb een dochter van net 2 jaar en een zoontje van 2 maanden. Het gaat om mijn dochter, die is de laatste tijd ontzettend veranderd. Sowieso omdat ze er een broertje bij heeft en de aandacht moet delen, maar ze is sinds 2 weken ook van het kinderdagverblijf af, dus ik heb ze beiden de hele dag thuis. Mijn vraag is hoe ik het weer gezellig in huis kan krijgen. Mijn dochtertje huilt om iedere vraag die ik haar stel. Zullen we boodschappen doen? Zullen we een tekening gaan maken? echt bij alles! Ik probeer alle tijd die ik niet aan mijn zoontje besteed aan haar te besteden door samen dingen te doen. Verven, naar de speeltuin, wandelen noem maar op. Ik ben ook gestopt met mopperen, geef haar alleen nog maar positieve aandacht, benoem alles wat ze goed doet of geef haar extra knuffels als zij extra lief is. Alleen heb ik het idee dat echt helemaal niets meer werkt. Wij zitten dagelijks met zijn drieën op de bank te huilen en mijn positieve energie is helemaal op.


Er is in jullie gezin een heleboel veranderd in korte tijd, en daar hebben jullie op dit moment last van. Jij hebt zelf net een baby gekregen en dat kost nog steeds veel energie. Je baby zelf moet zijn plekje in het gezin nog vinden. En je dochtertje van twee jaar moet wennen aan het feit dat zij niet meer het enige prinsesje in huis is. Voor peuters is het vaak onbegrijpelijk om te merken dat de baby niet meteen weer uit huis verdwijnt, maar in plaats daarvan veel aandacht krijgt en wordt geknuffeld en verschoond. Peuters willen vaak ook die aandacht krijgen, ze willen eigenlijk het liefst die baby zijn. Sommige peuters worden daardoor heel boos op de baby en beginnen stiekem in oogjes te prikken of te slaan. Andere peuters laten door hun gedrag zien dat ze het zwaar hebben. En ik denk dat dit aan de hand is bij jullie thuis. Daarbij komt dat je dochtertje ook niet meer naar het kinderdagverblijf gaat en er dus ook geen afleiding meer voor haar is. Ze ziet de hele dag haar mama met haar babybroertje en wordt daar jaloers van. Voor jou is het niet gemakkelijk om die situatie goed in de hand te houden. Enerzijds heb je de baby die al je aandacht en energie vergt. Anderzijds is er je peuter die ook al jouw aandacht wil hebben en op een heel negatieve manier probeert nog veel meer aandacht te krijgen. Je probeert alles te doen op een heel goede manier. Leuke dingen doen, niet mopperen, extra knuffels geven… maar je hebt het gevoel dat het niet werkt. Dat is ook wel begrijpelijk. Want voor je dochtertje is de aandacht die ze nu krijgt nog niet genoeg. Ze wil alles, alles, alles… ze wil de baby zijn. Als je kijkt naar wat je dochtertje nodig heeft, dan zou ik zeggen: een duidelijke structuur, momenten in de dag waarop zij als enige de aandacht krijgt, zonder dat de baby in de buurt is. En vooral.. momenten in de dag waarop ze echt baby mag zijn. Ik raad je aan om minstens een half uur per dag met haar te tuttelen alsof ze baby is. Zeg maar dat je graag wilt dat ze baby is. Geef haar een flesje, wieg haar, praat babytaal etc. Hierdoor kan ze haar diepste wens in vervulling laten gaan. Vaak merk je wel of een peuter het fijn vindt. Die gaat dan ook babytaal terugpraten, op de rug liggen en met armen en benen zwaaien… Soms wordt het zo erg dat je bang bent dat ze niet meer normaal zal doen. Maar als je dit stug volhoudt dan komt, soms na een paar weken pas hoor, op een dag voor haar het gevoel dat het genoeg is geweest. Dan heeft ze het vertrouwen dat zij altijd baby mag blijven, ook al komen er nog wel drie broertjes bij. Op zo’n moment voelt ze ook pas weer hoe oud ze echt is. Peuters gaan dan aangeven dat ze te groot zijn voor de fles en dan kan ze ook weer genieten van de aandacht die ze als peuter krijgt. Ze moet dus echt even door een crisis heen.


En dan kom ik bij jou als moeder. Want je schrijft dat jouw positieve energie aan het opraken is. En dat geloof ik graag. Wil jij je dochter goed kunnen opvangen en begeleiden, dan is het wel nodig dat jij daarvoor voldoende energie hebt. En ik heb het gevoel dat je die energie nu niet hebt. Daarom moet je echt goed voor jezelf gaan zorgen. Het is eigenlijk jammer dat je dochtertje niet meer naar het kinderdagverblijf gaat. Zijn er misschien andere mogelijkheden voor jou om wat rust te krijgen? Zijn er bijvoorbeeld hulptroepen in de buurt die de kinderen soms even van je over kunnen nemen, zodat jij even kunt slapen, of iets leuks voor jezelf kunt doen? Want dat heb jij echt nodig. Je moet bijtanken. Als je weer wat energie hebt zul je merken dat het ook gemakkelijker is om je dochtertje te begeleiden.

Baby imiteren

Je hoort wel eens dat kinderen van 24 maanden veel imiteren van hun ouders. Onze dochter doet echter met name haar kleine zusje (8 maanden) na. Ze gaat weer onder de babygym, stopt alles weer in haar mond en wil het liefst weer uit de fles drinken. Is dat ook een ‘gezonde’ imitatie of slechts een vorm van aandacht trekken?


Wat je peuter doet is heel normaal wanneer er een baby bijgekomen is in het gezin. Voor haar is dat allemaal heel spannend, en hoe leuk een zusje ook kan zijn, het kost toch veel energie om de hele dag je plek met een baby te moeten delen. Je peuter ziet dat het zusje allerlei leuke manieren van aandacht krijgt, en daar is ze een klein beetje jaloers op. Zij zou ook wel weer zo klein willen zijn als haar zusje. En bij klein zijn hoort dat je met babyspeeltjes speelt, alles in je mond stopt, uit een flesje drinkt et cetera. Sommige peuters gaan zover in hun babymanieren dat ze op de grond gaan liggen, tatata roepen en met hun handen en benen gaan zwaaien, net als baby’s. Er zijn ook peuters die letterlijk terugvallen in hun babytijd door weer in hun luier te gaan plassen als ze eigenlijk al zindelijk zijn. Al deze imitatie heeft dus te maken met de behoefte nét zo klein te zijn als de baby. Merkt ze dat jij als ouder het niet zo leuk vindt dat ze zich als een baby gedraagt, dan kan je peuter juist extra in het babygedrag gaan volharden. Hoe meer je dit gedrag afwijst, hoe sterker de behoefte lijkt het wel. Ga dus liever gewoon op haar babybehoefte in. Behandel je peuter dus zelf ook af en toe als een baby’tje, dat zal ze heerlijk vinden. Geef haar een flesje, neem haar bijvoorbeeld elke avond even op schoot om haar als een baby’tje te knuffelen. En vraag haar ook soms: ‘O wil jij nu even mijn baby’tje zijn? Dat zou ik fijn vinden’. Ze merkt dan dat ze niet per se altijd groot hoeft te zijn van jou. En dat is belangrijk voor haar. Vaak hebben peuters best een tijdje nodig om baby te mogen zijn. Soms duurt het wel een aantal weken of nog langer. Maak je geen zorgen. Als je kind zo babyachtig mag zijn al ze wil, dan komt ze op een gegeven moment op een punt dat ze merkt dat het genoeg is geweest. Dan gaat ze bijvoorbeeld ineens de fles wegduwen en wil ze weer uit een beker drinken. Dat is haar manier om te zeggen: ‘Zo, ik ben weer twee’.

Jaloers op broertje

Ik heb een zoontje van bijna 3 en een zoontje van 4,5 maand. De oudste blijft maar jaloers op zijn broertje en doet altijd heel erg druk bij hem. In zijn handje knijpen, gillen vlak bij zijn gezicht en tot overmaat van ramp heeft hij hem vandaag in zijn vingers gebeten. Toen werd ik zo boos dat ik hem naar zijn bed heb gestuurd. Dat was natuurlijk brullen. Maar hoe kunnen wij hem wijs maken dat hij lief moet zijn voor zijn kleine broertje? Dat hij af en toe om aandacht vraagt vind ik niet zo erg, maar hij moet hem geen pijn gaan doen. Het is eigenlijk al zo sinds de jongste is geboren. Hij kan af en toe wel lief zijn voor hem en hem een kusje geven. Maar dat knijpen en bijten wil ik eigenlijk wel zo snel mogelijk afleren. Maar hoe?


Een peuter kun je jammer genoeg zelden iets ‘snel’ afleren. Zijn leerproces duurt zeker een paar weken. Dat komt omdat hij niet goed naar je kan luisteren. Uitleg over dat het kleine broertje pijn heeft, en dat je aardig moet zijn tegen de baby, zal bij hem dan ook het ene oor in gaan en het andere oor uit. Hij knikt misschien wel naar je, of zegt braaf ‘ja mama’ als je iets vraagt, maar of hij het dan ook doet? Wil je je zoon dus leren dat hij lief moet zijn voor zijn broertje, dan is een consequente aanpak de beste oplossing. Reageer altijd op dezelfde manier. Niet de ene keer boos worden, de andere keer praten, de derde keer afleiden. Want dan wordt je zoontje alleen maar geïnteresseerder naar je reactie als hij het de vierde en vijfde keer doet. Met de consequente aanpak is het belangrijk dat je zijn positieve gedrag erg beloont, zodat hij ontdekt dat dit gedrag erg geschikt is om te herhalen. Geef hem dan vooral veel aandacht in tijdsduur. Als je eventjes heel lief tegen hem bent, weegt dat soms niet op tegen vijf minuten mopperen. Daarom raad ik je aan je zoontje bijvoorbeeld op schoot te nemen en lekker te knuffelen, of een spelletje te doen of voor te lezen als hij lief tegen de baby was. Zeg dan: ‘Dat vindt de baby fijn, dat kusje, goed zo. Kom dan vertel ik je een verhaaltje over een jongetje dat nét zo lief is als jij…’ of iets dergelijks. Je legt dan de link met het gedrag én de beloning.


Aan de andere kant is het belangrijk om de aandacht die je zoon nu met negatief gedrag krijgt drastisch in te krimpen. Zelfs een boze reactie ziet een peuter als aandacht. Daarom is de kans niet gering, dat hij ondanks het feit dat je hem naar zijn bed stuurde, tóch weer zal proberen te gaan bijten. Om je baby én je peuter te beschermen is het daarom belangrijk om je zoon meteen uit de situatie te halen als hij zich negatief gedraagt. Wordt dan niet boos, maar reageer met lichaamstaal heel kordaat. Zo van: dit gaat zo niet. Ga maar even alleen daar zitten. Hij merkt dan dat hij géén aandacht krijgt, én geen publiek meer heeft, als hij de baby benadeelt. En dat is heel belangrijk om het gedrag te laten uitdoven. Maar ook dit leerproces duurt een paar weken.


Het is handig om de komende dagen goed op je zoon te letten. Soms wordt het negatieve gedrag namelijk ingeleid met andere gedragingen. Misschien kruipt je zoon eerst bij de baby en kijkt hij een tijdje naar je jongste vóórdat hij iets akeligs doet. Misschien doet hij iets naars op het moment dat jij hem net iets hebt verboden of opgedragen… Als je weet wat er meestal voorafgaand gebeurt, kun je tijdig ingrijpen en het gedrag op die manier voorkomen. Haal je zoon dan al bij de baby weg voor hij iets doet. Daarom is het ook goed om het contact zoveel mogelijk te begeleiden. Als je zoon naar de jongste reikt, zeg dan niet ‘pas op, doe voorzichtig’ maar zeg: ‘goed zo, dat is lief, kijk de baby vindt je lief’. Zo wordt het contact ook voor je oudste prettig. Haal je oudste dan weg bij de baby als het contact nog leuk is. Dan houdt hij er ook een fijne herinnering aan over. Als jullie dan even iets leuks gaan doen samen, voelt hij zich ook niet afgewezen.


Het negatieve gedrag van je oudste is waarschijnlijk het gevolg van het feit dat een peuter het erg moeilijk kan vinden om de aandacht te delen. In zijn koninkrijk is er zomaar ineens een prinsje bijgekomen, dat nét zoveel aandacht en misschien zelfs wel een beetje meer aandacht van papa en mama en alle andere mensen krijgt. En dat zit een peuter vaak dwars. Sommige kinderen tonen dit door te gaan jengelen, niet te willen slapen, slecht te eten of driftbuien te krijgen. Jouw zoon toont het héél direct. Het is de baby die de oorzaak is, dus daar reageert hij zich op af. Hoewel dit uiteraard ontzettend moeilijk is, toont hij wel op een eerlijke manier wat zijn problemen veroorzaakt. Veroordeel je zoontje er daarom niet om. Sta open voor zijn probleem en help hem er een beetje bij. Je kunt bijvoorbeeld zijn gevoelens voor hem verwoorden: ‘Je vindt het best moeilijk he, dat er een baby bij is. Nu kan mama niet zoveel met je spelen als vroeger. Dat snap ik best’. Of: ‘Soms is de baby ook wel lastig hoor. Zullen we straks samen een spelletje doen als de baby slaapt?’ Daarmee geef je aan dat je hem begrijpt, en dat je ook ziet wat hij nodig heeft. Ben je met de baby bezig, vertel dan aan de jongste wat je de oudste op datzelfde moment ziet doen. Op die manier betrek je hem toch bij het geheel, ook al kun je hem even geen aandacht geven. Geef je oudste ook wat extra rechten nu. Een peuter wordt vaak aangesproken op het feit dat hij al ‘zo groot’ is. Maar dat geeft een peuter soms wel meer plichten (stil zijn, op je beurt wachten, meehelpen) maar vaak geen rechten. Als je je oudste juist wél extra rechten geeft en daarbij benadrukt dat dit alléén voor hem geldt, kan hij het na een tijdje beter accepteren dat er weer een baby bij is. Je kunt bijvoorbeeld zeggen: ‘Jij mag nu wat later naar bed hoor, jij bent groter dan de baby’. Of: ‘Jij krijgt een kastje met een eigen sleutel, daar kun je alle spulletjes instoppen waar de baby niet aan mag komen’. Zo respecteer je zijn behoeften en toon je dat je hem echt nog wel ziet staan. Want daar is hij gewoon het allerbenauwdst voor. Dat papa en mama de baby zo leuk gaan vinden, dat ze hém de deur uit zullen zetten. Dat is over het algemeen de belangrijkste oorzaak van dit negatieve gedrag.