Te druk en agressief

Mijn 10-jarige zoon is hoogbegaafd met een IQ van 129, en ik weet niet hoe ik hiermee om moet gaan. Hij haalt goede cijfers op school, maar zijn gedrag is een zorg. Hij is een meelopertje en altijd in voor kattenkwaad. Hij plaagt zijn broertje en hij tiert en brult als ik hem om iets vraag. In het weekend maakt hij ons vaak belachelijk als we ergens naar toe gaan omdat hij zo ontzettend wild is. Hij heeft zelfs zijn kleine broertje al eens uit de kinderwagen laten kieperen. Waar hij ook is, hij kan niet zonder aandacht. Hij kan niet stil zitten, duwt zijn broertje en zusje, en lacht als hij gestraft wordt. Als ik vraag waarom hij dit doet, dan krijg ik geen antwoord. We zijn al bij psychologen geweest waar hij zich als een engeltje gedraagt. En dan krijg ik te horen dat ik een voorbeeldig kind heb. Ik ben ten einde raad.


Je schreeuw om hulp is duidelijk. Het is heel jammer dat je bij de verkeerde psycholoog terecht bent gekomen. Kinderen kunnen zich inderdaad bij hulpverleners soms heel anders voordoen dan thuis in hun veilige omgeving. Maar toch zou ik je willen aanraden door te gaan met hulp zoeken. Laat je niet ontmoedigen door een psycholoog die zijn werk niet goed weet te doen. Ga praten met je huisarts en leg voor wat er thuis aan de hand is. De situatie is voor jullie heel zwaar en je bent samen met je kind in een vicieuze cirkel terecht gekomen die niet eenvoudig te doorbreken is. Je schrijft in je eerste zin dat je kind een vrij hoog IQ heeft. Ik vraag me af hoe dit is vastgesteld. Ben je daarvoor naar de psycholoog geweest? Het gedrag wat je omschrijft zou namelijk ook te maken kunnen hebben met het feit dat je kind begaafd is. Kinderen die heel snel door hebben hoe zaken in elkaar steken, kunnen soms de aansluiting met hun leeftijdgenootjes niet goed vinden, omdat die minder slim zijn. Ze ‘snappen’ elkaar gewoon niet zo goed. Een zeer intelligent kind daarentegen kan er weer moeite hebben om zich emotioneel te uiten. En dat kan zowel op school als thuis tot problemen met gedrag leiden. Uit wat je schrijft maak ik op dat er een grote frustratie speelt bij je zoon die hij op allerlei verschillende manieren aan het uiten is. Het nadeel daarvan is dat hij met het negatieve gedrag aandacht vangt, en dat houdt het negatieve gedrag ook weer in stand. Mocht zijn intelligentie hem parten spelen dan heeft hij uitdagingen nodig die minder eenvoudig op te lossen zijn dan de uitdagingen die op zijn leeftijd worden aangeboden. Ik raad je daarom aan om contact op te nemen met je huisarts en de situatie te bespreken. Vraag een dubbele afspraak zodat je er rustig over kunt praten. Laat je zoon bij dat gesprek thuis, leg gewoon zelf de hele situatie voor. Geef ook aan wat de psycholoog heeft gezegd. De huisarts kent jullie gezin en kan samen met jullie bepalen welke hulp het meest geschikt is. Enerzijds kan dat hulp zijn om de gedragsproblemen aan te pakken, en anderzijds hulp voor je zoon zodat hij beter om kan gaan met zijn begaafdheid. 

Jaloerse zus

Ik wil graag weten hoe ik met de jaloezie van een grote zus moet omgaan. Mijn oudste dochter is 6 jaar en mijn jongste is nu bijna 4 jaar. De oudste is vrij dominant en speelt of praat alleen met haar zusje als het haar aanstaat. Vaak wil ze niet eens luisteren naar wat haar zusje te zeggen heeft, en ze rent het liefst meteen weg bij haar zusje als er andere speelkameraadjes in de buurt zijn. Ze kan haar zusje daarbij letterlijk opzij duwen. Ik vind het belangrijk dat ze allebei de ruimte krijgen voor hun eigen ontwikkeling, maar ik zou graag ook een manier vinden om hun samenzijn te stimuleren. Hebben jullie hier tips voor? Ook wat ik juist niet zou moeten doen?


Gezellig samen spelen tussen broertjes en zusjes kun je helaas niet altijd regelen. Ook al geef je ze samen aandacht, of geef je ze speelgoed om samen te delen. Er zijn verschillende oorzaken voor het gedrag dat je van de oudste ziet. Ik zal ze hier onder bespreken:


Ontwikkelingsniveau: oudste kinderen kunnen last hebben van jongere broertjes en zusjes doordat die nog niet zo ver ontwikkeld zijn. Hierdoor storen ze soms onbedoeld het spel of de concentratie van oudere kinderen. Je merkt dit vaak niet aan de jongste maar aan de oudste. Die kan de jongste wegduwen, boos worden, bedillerig zeggen dat de jongste weg moet gaan, dingen afpakken, of soms wanhopig opkijken over zoveel onbegrip van de jongste. Het feit dat je oudste je jongste wegduwt en op zoek gaat naar andere speelkameraadjes zou hier op kunnen wijzen. Indien dit een rol speelt heeft de oudste meer eigen ruimte nodig. Kijk eens hoe de verdeling van de ‘speelruimte’ voor je twee kinderen is. Heeft de oudste eigen speelgoed en een eigen plek voor haar spulletjes waar de jongste niet aan mag komen? Een kast met een eigen sleutel kan uitkomst bieden voor de oudste. Ook een eigen plek in huis is voor je oudste van belang, iets waar de jongste niet zonder toestemming mag zijn. Het is van belang dat je als ouder ook tegen de oudste zegt dat die plek alleen voor haar is en dat je de jongste aanspreekt als ze aan de spullen van je oudste komt. Als een oudste de rust voelt dat ze de jongste niet altijd om zich heen hoeft te hebben, kan ze er op een gegeven moment ook weer toe komen om de jongste wel als speelgenootje te accepteren.


Aandacht: Soms heeft een oudste kind het gevoel dat ze de minste aandacht krijgt van alle kinderen. En in de praktijk is dat soms ook zo. Dat sluipt er vaak in, doordat jongere kinderen nog niet zoveel zelf kunnen. Als ouder ben je soms geneigd de oudste even te vragen zelf iets te doen, of even te helpen. Van de jongere kinderen wordt dit soms minder gevraagd. En oudste kinderen voelen dat. Het maakt ze enerzijds heel zelfstandig, maar anderzijds soms ook jaloers op de jongste. En dat kan zich uiten in wat agressief en bozig gedrag. Dat kan zich op de jongste richten. Het kan helpen om een dag lang te ‘timen’ hoeveel tijd in minuten je besteedt aan je oudste en jongste kind. En… wat voor soort aandacht krijgen beide kinderen eigenlijk?


Temperament: hoewel kinderen uit een gezin komen kunnen ze soms niet met elkaar opschieten. Gewoon omdat ze elkaar niet liggen. Dit kan komen door een te groot verschil in karakter en temperament. Hierdoor liggen de interesses en behoeftes te ver uiteen. Maar het kan ook komen doordat de kinderen teveel op elkaar lijken. Ze worden dan soms elkaars rivalen. Zeker wanneer een jongste kind daarbij ook nog vrij snel in ontwikkeling is kan dit voor een oudste een werkelijke rivaal worden. Het kan ook voorkomen dat de oudste merkt dat de jongste grappig gevonden wordt, of gemakkelijk vriendjes maakt, waardoor de jaloezie wordt aangewakkerd. En dat kan zich weer uiten in pesterijen of ander lastig gedrag. De oudste probeert de jongste daar dan mee ‘op haar plaats’ te houden. Ook in dit geval is het van belang dat je beide kinderen hun eigen ruimte geeft. Dwing ze niet samen iets te doen als dat eigenlijk niet goed loopt. Maar laat ze beiden hun eigen ontwikkeling doormaken in hun eigen tempo. Vergelijk de kinderen ook niet met elkaar, maar leer ze te kijken naar wat ze ieder zelf kunnen en hoe bijzonder ze zelf zijn. Dit versterkt hun zelfbeeld en zelfvertrouwen, waardoor ze elkaar ook beter verdragen.


Samenwerking: Soms blijkt dat de twee kinderen een fantastische samenwerking hebben ontwikkeld waarmee ze ouders ertoe brengen heel veel aandacht te geven. Een kind begint de ander dan te plagen, de ander rent naar een ouder of beide kinderen beginnen te ruziën… het exacte gedrag verschilt, maar het zorgt er wel voor dat je als ouder je met de situatie gaat bemoeien. Je gaat vragen wie er begonnen is, je probeert de schuldige te achterhalen, je troost, je komt met oplossingen…. En ondertussen hebben je kinderen – die zich misschien een beetje verveelden – hun doel al lang bereikt. Ze hebben je aandacht gevangen. Deze situatie kun je vermijden door niet uit te zoeken wie de schuld is, geen extra aandacht te geven, maar uit twee opties te kiezen. Of je doet helemaal niets, je negeert het gedrag, waardoor het uiteindelijk zal uitdoven. Of je stuurt het ene kind naar de ene kamer en het andere kind naar de andere kamer. Op dat moment zijn ze allebei alleen waarmee de ruzie is opgelost. Overigens: er is nog een derde optie is zo’n situatie. Je kunt zelf opstaan en weglopen onder de mededeling dat ze de ruzie zelf moeten bijleggen. Vaak is het dan ook verrassend snel over.

Moederlijk gedrag

Hallo, ik heb een meisje op de groep van negen jaar oud. Wanneer zij in de buurt komt van de 3+ kindjes gaat ze heel erg als moedertje voor ze spelen. Wat ze doen is dingen overnemen van ze terwijl de kindjes dit al zelf kunnen. Ze neemt handelingen als het ware over van ze. Wanneer het meisje weg is kunnen ze weer doen wat ze zelf kunnen. Mijn vraag is hoe je met dit gedrag van het meisje om moet gaan en waarom zij dit op deze leeftijd doet?


Welke 'groep' bedoel je precies? Ik krijg de indruk dat het om een soort opvang gaat, klopt dit? Het valt me namelijk op dat het leeftijdsverschil tussen de kinderen in die groep waar je over spreekt nogal groot is. Zijn er meer meisjes van negen jaar in de groep of is dit meisje de enige van haar leeftijd? Want dat zou heel goed haar behoefte aan 'moederen' kunnen verklaren. Kleine kinderen kunnen dan gezien worden als een soort grote poppen waar je mee kunt tutten. Misschien neemt het negenjarige meisje daarmee onbewust de rol van een moeder op zich, net zoals zij haar eigen moeder misschien ziet doen. Er zijn ook kinderen die het prettig vinden om met jongere kinderen te spelen omdat deze kinderen niet zo bedreigend zijn als oudere kinderen of leertijdgenoten. Vooral wanneer een kind sociaal niet erg vaardig is kan hij de neiging hebben kinderen van de eigen leeftijd te ontvluchten. Uit wat je schrijft krijg ik de indruk dat je het zelf in ieder geval niet prettig vindt wat het meisje doet met de peuters. Ze verstoort het normale peuterspel. In dat geval lijkt het me zaak regels op te stellen waar het meisje zich aan moet houden. Spreek bijvoorbeeld met haar af wat ze wél en wat ze niet mag doen bij de peuters. Leg haar ook uit waarom je dit belangrijk vindt, zodat ze kan begrijpen welk gedrag wel goed is. Beloon haar wanneer ze op een goede manier speelt. En is ze helemaal alleen als negenjarige op de groep, geef haar dan af en toe een leuk taakje, waardoor ze zich heel belangrijk voelt en niet'in de weg' zit. Blijf je je zorgen maken over haar, dan is het goed om eens contact op te nemen met haar ouders. Misschien is er een reden voor haar gedrag die de ouders je kunnen vertellen. Samen kun je dan tot een goede aanpak komen.