Opvoedingsvragen

Heeft mijn kind nu ook last van ‘huidhonger’ doordat hij zijn vriendjes niet ziet tijdens Corona? (19 april 20)

Ik zie termen als ‘huidhonger’ langskomen in het nieuws. Zou mijn kind daar ook last van kunnen hebben, bijvoorbeeld omdat hij zijn vriendjes en oma niet kan knuffelen? Kan ik daar iets aan doen?

‘Huidhonger’ is een woord dat natuurlijk in deze tijd van Corona en afstand houden een enorme lading heeft gekregen. Maar het is op zich wel normaal dat kinderen een grote behoefte hebben aan lichamelijk contact. Niet voor niets wordt altijd geadviseerd je kind te knuffelen.

Als een moeder de baby knuffelt voelt hij haar veiligheid.

Het contact tussen moeder en kind direct na de geboorte kan een kind meteen het gevoel geven dat de wereld goed is en dat is belangrijk voor zijn gevoel van veiligheid en zelfvertrouwen. Als een kind gespannen is wordt ook geadviseerd hem te aaien, en bijvoorbeeld lichaamsmassage kan een kind echt helpen tot rust te komen.

Samen op de bank hangen, is ook een goede vorm van contact.

Die veiligheid en nabijheid heeft hij in deze Corona-tijd ook nodig en daarom is het heel goed om bijvoorbeeld lekker met je kind dicht bij elkaar op de bank te hangen of op een andere manier veiligheid via lijfelijk contact te bieden. Hou daar bij wel de grens van je kind goed in de gaten. Merk je dat je kind het eigenlijk niet wil, laat hem dan. Zoek geen contact omdat jij het per se wil, maar kijk naar waar je kind behoefte aan heeft en respecteer zijn grenzen.

Hoe was het contact met opa en oma?

Heeft een kind veel behoefte aan het knuffelen met vriendjes en opa en oma? Het ligt er erg aan wat hij tot Corona startte gewend was. Is het een kind dat graag bij opa en oma op schoot klom om voorgelezen te worden, dan zal hij dat contact erg missen. Maar hield hij altijd al een beetje afstand, dan is het een andere zaak.

Een verplicht kusje voor opa of oma is niet goed.

Er zijn kinderen die veel nare herinneringen hebben over gehouden aan het ‘verplichte kusje’ voor opa of oma. Zo’n kusje moeten opa’s en oma’s niet vragen, ook niet voor de grap. Want hierdoor leert een kind niet dat er een grens is tussen wat hij zelf wil en wat anderen willen. Als je opa of oma een verplicht kusje moet geven, dan zal een kind het ook sneller gewoon vinden als een vreemde een kusje vraagt of misschien zelfs nog wel iets meer wil. Kinderen moeten dus leren dat zij de baas zijn over hun eigen lijf en zelf het initiatief mogen nemen tot lichamelijk contact.

Het hangt af van wat een kind voor Corona startte prettig vond.

Kinderen hebben op dit moment net zo’n groot probleem met niet mogen aanraken als volwassenen in deze Corona tijd. Als je het gewend bent om mensen veel aan te raken, dan mis je dat nu. Wij Nederlanders staan er om bekend dat we bij een ontmoeting van vrienden of bekenden nogal eens drie zoenen op de wang geven. Dat is lang niet overal de gewoonte en kan dan ook tot wat ongemakkelijke reacties leiden bij anderen. Maar ben je gewend te zoenen dan mis je dat als het niet mag. Ben je het gewend om mensen te huggen zul je nu dat contact missen.

Kinderen zoenen en huggen minder dan volwassenen.

Kinderen zijn niet zo bezig met kussen en huggen maar ze rennen elkaar achterna, ze duwen of stoeien, of soms trekken ze elkaar aan de haren of schoppen elkaar wanneer ze boos zijn. En kinderen kunnen ook genieten van samen in een hut zitten of in de hangmat liggen. Dat soort contact kan nu niet meer met vriendjes, en dat kan voor een kind heel lastig zijn. Zeker wanneer kinderen elkaar wel zien in de speeltuin of op straat zullen ze misschien het liefst even op elkaar af willen rennen om contact te hebben. Dus ja, dat is voor kinderen moeilijk.

Aanraken, nee, ook niet voor één keertje nu.

Helaas kun je je kind nu niet toestaan om voor ‘die ene keer’ dan toch een knuffel te geven, omdat hij het zo graag wil. Het is niet zoals met een snoepje dat je je kind voor deze ene keer toestaat. Een virus is snel overgegeven en zolang we nog steeds niet weten hoe de besmetting eigenlijk plaatsvindt kunnen we met zijn allen dat risico niet nemen. Ook niet voor kinderen uit de buurt of in de familie.

Niet lichamelijk, maar wél contact houden.

Wat je wel kunt doen is je kind helpen om wel het contact met familieleden en vriendjes te onderhouden. Dus hoe lastig het misschien ook te organiseren is, blijf daarin acties ondernemen om je kind te ondersteunen. Zoek ook contact met kinderen die voor jou misschien iets buiten je leefwereld liggen, maar die je kind bijvoorbeeld via de peuterspeelzaal of school kent.

Bedenk spelletjes en puzzeltjes die ze online kunnen doen.

Er zijn allerlei manieren van contact mogelijk, van gewoon face-timen tot virtuele raadspelletjes, samen puzzels oplossen of virtuele vormen van verstoppertje spelen (bijvoorbeeld, je kind verstopt een speeltje in zijn eigen huis en het vriendje moet dit ‘zoeken’). Het gaat er vooral om dat het contact niet verwatert. Als Corona dan voorbij is, kunnen ze weer op een directere manier contact met elkaar hebben. Of dat precies zo zal zijn als voor Corona is natuurlijk de vraag. Want in de tussentijd is er veel gebeurd voor beide kinderen. We zullen moeten afwachten wat dit voor vriendschappen betekent. Maar konden ze het altijd goed met elkaar vinden, dan zou het heel goed kunnen dat ze hun vriendschap weer gaan oppakken en voor je het weet weer stoeiend over de bank rollen.