Opvoedingsvragen

Hij loopt de hele dag achter mij aan

Mijn zoontje (3,5 jaar) loopt de hele dag achter mij aan. Hij zegt zelf ook dat hij niet alleen wil zijn. Als ik opsta om naar het toilet te gaan dan staat hij al naast mij (wat ga je doen?) en holt meteen naar het toilet. Wanneer ik aangeef even boven de luier van mijn dochtertje te verschonen dan stopt hij met zijn spel en holt al naar boven. In de auto blijven zitten terwijl ik iets afgeef aan een deur (waar hij direct zicht op heeft) veroorzaakt grote paniek en verdriet. Ook al zeg ik van te voren dat het maar heel even duurt, en loop ik nooit zomaar zonder iets te zeggen weg (grote paniek!) het helpt allemaal niets. Het is niet alleen moeder- of vader gebonden, want als er iemand anders bij hem is (al is het zijn nichtje van 3) dan is het wel goed. Dan gaat hij rustig met haar naar boven om samen te spelen, maar alleen zijn knuffel boven halen dat wil hij absoluut niet!

Ik denk dat veel ouders hier ervaring mee hebben. Er zijn natuurlijk altijd peuters die het heerlijk vinden om in hun eentje te spelen, en die het niet erg vinden dat je uit het zicht verdwijnt. Maar een groot aantal peuters vinden dat wel lastig. Een peuter ziet zichzelf namelijk zo’n beetje als het centrum waar alles om draait.

Jouw peuter voelt zich een koning. En jij bent de onderdaan, zijn lakei eigenlijk. Dat betekent dat alles wat er in huis gebeurt eigenlijk ook om de peuter moet draaien. Hij moet in het centrum van alle aandacht staan. Kun je je dan voorstellen wat het voor de koning betekent als zijn lakei er zomaar vandoor gaat en iets voor zichzelf gaat doen? Dat kan de koning niet hebben. Hij wil erbij zijn, hij wil weten wat de lakei gaat doen. Hij wil op de hoogte blijven van alles wat in zijn koninkrijk gebeurt. Daarom rent hij je bij alles achterna.

Het paniekerige gedrag waarover je vertelt kan eveneens te maken hebben met de ontwikkelingsfase. Maar het kan ook voortkomen uit gevoelens van onzekerheid. Ook daar heeft een peuter namelijk last van. Peuters voelen aan dat ze nog veel te leren hebben in dit leven, dat ze niet alles tegelijkertijd kunnen. En ze weten automatisch dat ze jou daarbij hard nodig hebben als veilige thuishaven.

Een peuter zal altijd zijn ouder eventjes opzoeken als hij in de speeltuin aan het spelen is. Zodra het spel wat te griezelig wordt, dan moet even de basis weer gevonden worden. Voelt je peuter zich weer sterk genoeg, dan wordt de speeltuin weer aantrekkelijk. Jij schrijft dat je je zorgen maakt omdat je zoontje wel érg paniekerig wordt. En ook heel snel huilt, al loop je alleen maar eventjes naar een deur om iets af te geven als hij in de auto zit. Dit gedrag is heel naar voor jullie allebei. Het komt vaker voor bij peuters. Soms is daarbij een oorzaak aan te wijzen.

Peuters die bijvoorbeeld een nare ervaring achter de rug hebben kunnen een terugval in hun ontwikkeling krijgen, waardoor ze hun ouders veel harder nodig hebben dan je gezien hun leeftijd zou verwachten. Je ziet dit gedrag bijvoorbeeld bij peuters die in het ziekenhuis hebben gelegen en het vertrouwen in de omgeving een beetje kwijt zijn. Het kan goed zijn eens na te gaan of jouw zoontje iets heeft meegemaakt in zijn leven dat het gevoel van onveiligheid vergroot kan hebben. Zelfs nare gebeurtenissen rond de geboorte spelen soms wel eens door.

Het kan natuurlijk ook zijn dat je zoontje van nature wat angstiger is dan andere kinderen. Wat je kunt doen is hem veelvuldig laten ervaren dat je wel eens weg gaat, maar dat je steeds weer terugkomt. Door dit veel te oefenen leert hij langzamerhand dat je hem niet in de steek laat. Doe bijvoorbeeld veel kiekeboe-spelletjes met hem. En beloon hem als hij eventjes alleen is geweest, ook al was hij erg verdrietig en in paniek. Zeg maar: je vond het moeilijk, maar het is wel gelukt om alleen te zijn.

Hij zal niet goed begrijpen wat je zegt, maar hij voelt wel dat je hem beloont. En dat hij trots mag zijn op zichzelf. Wees niet bang om hem even alleen te laten. Wees er ook niet boos of geïrriteerd om. Maar zie het als iets wat nu eenmaal bij hem hoort. Maak de periodes die hij alleen moet overbruggen heel langzaamaan langer.

Je kunt beter vaker kort weggaan, dan ineens heel lang. Hoe meer hij kan oefenen met kleine periodes van afwezigheid, hoe sterker hij zich zal gaan voelen. Maar hou er rekening mee dat het tijd nodig heeft voor je kind zich veilig genoeg zal voelen om niet te gaan huilen als je weg gaat.