Opvoedingsvragen

Hij blijft zo lang wakker

Mijn zoontje is 18 maanden oud. Sinds kort, als hij wakker wordt s’ nachts, blijft hij wel 6 uur lang wakker. Hij gaat echt niet meer slapen, bij ons in bed nemen werkt ook niet. Hij wordt er wel rustig van, maar slapen ho maar. Terwijl hij overdag niet langer slaapt dan 2 uur. Hij is altijd een vrolijke jongen. Heel pienter en hij heeft een eigen wil. Maar deze nachten gaan me opbreken. Ik laat hem ook expres niet uitslapen. Ik maak hem rond 8 uur wakker. Rond 12 uur gaat hij weer slapen en rond 19 uur weer naar bed. Vroeger was het slapen nooit een probleem. Waarom nu wel?

Het slapen is nu een probleem omdat je zoontje in de peuterpuberteit terecht is gekomen. Die start rond de anderhalf jaar. Sommige kinderen beginnen er wat eerder mee, anderen wat later, maar ze krijgen er allemaal mee te maken. De peuterpuberteit is een ontwikkelingsfase waarin een kind ontdekt dat hij een eigen wil heeft. En daar gaat hij mee experimenteren. Wat het slapen betreft betekent dit dat je zoontje aan het uitproberen is hoe lang hij wakker kan blijven. En hij probeert uit wat jij gaat doen wanneer hij niet wil slapen.

Beide onderzoeken zijn zeer interessant voor hem. En hoe meer jij doet om hem toch aan het slapen te krijgen, des te leuker wordt het. Het is goed dat je je zoontje in ieder geval niet laat uitslapen en hem gewoon op een vaste tijd wakker maakt. Want anders verschuift zijn ritme totaal en zal hij steeds meer overdag gaan slapen in plaats van ’s nachts.

Wat hij nu echter doet is vooral op zijn wil wakker blijven. En dat kunnen peutertjes bijzonder lang volhouden. Ze hebben wat dat betreft een groter uithoudingsvermogen en meer energie dan hun ouders! Wat je kan helpen is het vaststellen van een vaste aanpak die je altijd doet als je zoontje niet wil slapen of ’s nachts wakker wordt. Zeg niet teveel, straal kordaatheid uit, én ga er absoluut vanuit dat jij de baas bent ’s nachts.

Verwacht niet dat je kind meteen in slaap gaat vallen als jij zegt dat hij moet slapen, maar laat met je uitstraling wel merken dat er géén feest wordt gevierd. Haal je zoontje niet uit bed, geef geen fles, geen water, geen schone broek, zing geen liedjes, vertel geen verhaaltjes… kortom, doe nauwelijks iets, maar ga alleen even bij hem kijken om de paar minuten. Hierdoor leer je je zoontje dat alles veilig is ’s nachts, dat je er altijd voor hem bent, maar je leert hem ook dat er niets bijzonders gebeurt als hij ’s nachts wakker is en huilt of schreeuwt.

Het leerproces van een klein kind duurt drie weken. Drie weken lang zal je kind jou moeten uittesten voor hij beseft dat er een nieuwe aanpak is gekomen voor in de nacht. Vooral de eerste week is zwaar, omdat je kind dan steeds harder en langer kan gaan huilen, puur om na te gaan of je je aanpak wel vol zult houden. Lukt het je inderdaad niet om vol te houden, bijvoorbeeld omdat je erg moe bent, dan ga je na een paar dagen meestal ongemerkt meer doen om je kind te troosten. En daarmee geef je je kind de boodschap dat hij vooral hard moet brullen, want dan komt mama of papa iets gezelligs doen.

Zorg dus dat je op papier neerzet wat je gaat doen als je kind huilt. Bijvoorbeeld: “Ik geef een aai over zijn hoofdje, en ik zeg ‘ga maar lekker slapen’. Ik laat het licht uit, en doe de deur weer achter mij dicht.” Zo’n opgeschreven aanpak helpt om het goed door te kunnen zetten.

Spreek met je partner af dat jullie allebei (ongeveer) hetzelfde doen en zeggen, dat maakt het voor je kleintje sneller duidelijk. En dan is er maar één ding verder te doen: volhouden, volhouden, volhouden. Zie je er heel erg tegenop, dan kan het goed zijn de brochure Slaapproblemen de baas aan te vragen. Dat kan via de website. Met deze brochure kun je er achter komen wat je tegenhoudt om door te zetten, én welke aanpak je het beste voor jezelf en je kind kunt invoeren.