Opvoedingsvragen

Hoe ga ik met mijn lastige tweeling om?

Mijn tweeling van 25 maanden zorgt voor veel problemen. Het consultatiebureau kon geen advies geven. En ook de kinderarts was zo blij toen we vertrokken. Mijn tweeling had namelijk zijn halve kantoor aan gort geslagen. Mijn vragen:
1. Zelfs met slaapzakjes aan klimmen ze uit hun ledikantjes. Om vervolgens te gaan huilen dat ze er niet meer in kunnen. Hoe houd ik ze in bed?
2. Ze zijn constant ondeugend en luisteren niet. Van een klein tikje, vermanende woorden of op de gang zetten zijn ze totaal niet onder de indruk en gaan volledig hun eigen gang. Hoe kan ik zorgen dat ze toch naar mij en mijn man luisteren?
3. Als ze niet ondeugend zijn maken ze ruzie met elkaar. Haren trekken, slaan, noem het maar op. Als ik ze uit elkaar haal gaat een van de kindjes altijd met zijn hoofd op de grond bonken. Echt enorm hard.  Hoe kan ik ervoor zorgen dat hij dit niet meer doet?
4. Een kindje wordt iedere nacht wakker of ’s ochtends heel vroeg en valt dan niet meer in slaap of klimt zijn bedje uit. Hoe kan ik zorgen dat hij langer slaapt ’s ochtends? Bij ons in bed gaat niet want dan gaat hij spelen en klieren en helemaal niet meer slapen. We horen hem dan huilen vanuit zijn kamertje, als hij uit zijn bedje is geklommen leggen we hem er weer in (met dat je weer in je eigen bed ligt is hij er vaak al weer uit geklommen). Als hij wel in zijn bedje blijft liggen blijft hij huilen tot je hem eruit haalt. Dat kan wel uren duren. Hoe kan ik zorgen dat hij later wakker wordt?

 

Mijn eerste reactie op je verhaal: jij hebt het niet gemakkelijk. Een drukke peuter is voor veel ouders al bijzonder zwaar. Jij hebt twee drukke, nee superdrukke peuters die elkaar misschien ook wel voortdurend aansteken. Ik krijg het gevoel dat je vragen voortkomen uit een soort gevoel dat je het helemaal zat bent. En dat niemand je ook echt goed kan helpen. Misschien heb je wel allerlei adviezen gehad, maar in ieder geval werken ze niet. Niemand kan ook echt goed begrijpen wat jij meemaakt met je twee peuters. Dat zal het gevoel van ‘wat moet ik nu’ misschien ook wel versterken.

Het allerbelangrijkste op dit moment is dat je het gevoel terug moet krijgen dat jij degene bent die de lakens uitdeelt thuis en bepaalt wat mag en wat niet mag. Dat is heel zwaar met twee kleine deugnieten, maar het is wel mogelijk. Alleen: daarvoor heb je veel energie en uithoudingsvermogen nodig. Kleine kinderen leren niet iets aan van de ene op de andere dag. Daar hebben ze zeker drie weken voor nodig. Ik heb dat bij andere vragen ook al aangegeven. In die drie weken gaan ze ook nog eens flink uittesten of de regel die jij instelt altijd geldt. Dus gaan ze extra hard gillen, schreeuwen, smijten et cetera.

Uit wat je schrijft blijkt dat jouw peuters al erg bezig zijn met het opzoeken van de grenzen. Stel je een nieuwe regel in, dan moet je er op rekenen dat hun uitprobeergedrag nóg heftiger kan worden. Als je hier niet op bent ingesteld, en geen passende aanpak hebt, dan blijven ze merken dat zij het heft in handen hebben. En dan lukt het dus niet om structuur aan te brengen. Je eerste belang op dit moment is dan ook: energie bijtanken. Die energie kun je krijgen door jezelf uit logeren te sturen en een paar nachten goed te slapen.

Het kan ook helpen om hulptroepen in te schakelen, die zorgen dat de balans tussen draagkracht en draaglast een beetje meer in evenwicht komt. Iedere persoon heeft zo’n balans. Aan de ene kant staat alles wat je kunt, je kracht, je energie, je zin in het leven. Aan de andere kant staat alles wat je moet doen, de problemen die je moet oplossen, de lasten die je moet dragen. Als ik jou zo hoor is de last voor jou met de tweeling nu zwaarder dan de kracht die je in je hebt om dingen op te lossen.

De balans hangt dus scheef. Ik kan dan wel van jou verwachten dat je ook nog eens een goede stevige aanpak invoert, maar ik vraag me af of jouw draagkracht wel groot genoeg is voor die extra last van de opvoedingstaak erbij. Wanneer je jezelf gunt om energie bij te tanken, of om de hulp van buren, familie, vrienden of deskundigen in te schakelen, dan zul je merken dat je veel beter kunt denken en besluiten nemen. Want dat zul je wel moeten gaan doen wil je de tweeling in het gareel gaan houden. Dat de kinderarts je liever zag gaan dan komen is natuurlijk een slechte zaak. Maar er zijn ook pedagogen, wijkverpleegkundigen of videohometrainers in je omgeving die je vast en zeker wél goed bij kunnen staan. Laat je dus niet ontmoedigen door de negatieve ervaringen.

Een paar opmerkingen in antwoord op je vragen:

  1. Kleine kinderen kunnen inderdaad met slaapzak en al uit ledikantjes klimmen. Dan hebben ze dat eenmaal in de gaten hoe dat moet. Het campingbedje zal ze misschien eventjes tegenhouden, maar ook daarvoor zullen je ondernemende kinderen snel een oplossing vinden. Waar het je kinderen om gaat is niet een fijne plek vinden om te slapen. Je kinderen hebben ontdekt dat ze een eigen wil hebben, en die zijn ze aan het uitproberen. En dat doen ze onder andere door uit bed te klimmen.

    Ik zou je willen aanraden het niet te zoeken in hogere hekjes of andere praktische middelen om je kind op een plek te houden. Waar het om gaat is dat je kind moet leren dat jij degene bent die de lakens uitdeelt. En dat jij bepaalt dat het nu bedtijd is. De kiekeboe methode werkt daarbij goed, tenminste als je het kunt opbrengen dit zeker drie weken vol te houden. Bij deze methode ga je telkens even weg, om vlak erna weer terug te komen en te laten zien dat je er nog bent. Steeds het zelfde zeggen, steeds hetzelfde doen. En dat eindeloos herhalen. Meer over de aanpak van slaapproblemen lees je in de brochure ‘Slaapproblemen de baas’ die je via de site kunt aanvragen voor 6 euro.

  2.  Je kinderen luisteren niet en zijn de hele dag ondeugend. Je wilt advies hoe je kunt zorgen dat ze gaan luisteren. Dat advies is moeilijk te geven, want je kinderen zijn nog te klein om wérkelijk goed te luisteren. Kleine kinderen reageren niet zozeer op wat je zegt maar op wat je doet, en wat je uitstraalt. Zeg je bijvoorbeeld op een smekende toon dat het bedtijd is, dan zullen je kinderen je smekende toon opmerken. En ze weten heel goed dat een smekende moeder niet zeker is van zichzelf en ook niet doortastend. Dus gaan ze verder met wat ze bezig waren.

    Wil je dat je kinderen luisteren, stel dan geen vragen, want dan kunnen ze hard ‘nee’ roepen. Ga naar ze toe, kijk ze aan, pak de schouders beet en zeg heel kort wat je wilt dat je kind doet. Pak hem eventueel op en zet hem weg als je wilt dat je kind ergens niet aan komt. Dat werkt krachtiger dan blijven waarschuwen. Van vermanende woorden zijn kleine kinderen dus inderdaad niet onder de indruk. De gouden tip wat dit betreft is dus: niet praten, niet vermanen, maar het kind meteen kordaat uit de situatie halen waarin hij zit, en waarin hij wordt verleid tot stoute dingen. Even op de gang zetten is prima, als je maar niet verwacht dat je kind er tot inkeer komt. Het is niet meer en niet minder dan een korte time-out. Een minuutje is echt genoeg.

    Peuters leven bij het moment. Ze kunnen nog niet bedenken dat ze ergens niet aan mogen komen omdat er straks straf komt. Ze worden telkens weer verleid door leuke knopjes en interessante voorwerpen. Alleen voortdurend herhalen, voortdurend merken dat je op de gang eindigt als je aan de televisie zit… dat zorgt er na drie weken voor dat een peuter snapt dat er een grens is. Niet eerder.

  3. Het hoofdbonken wordt in een andere vraag op deze site uitgebreid besproken. Ik wil je daarom graag naar die vraag verwijzen. Ik kan er hier wel kort over zeggen: het is het middel van je zoon om zijn boosheid te uiten. Hoe meer hij ontdekt dat jij er veel moeite mee hebt, hoe harder hij zal gaan bonzen. Probeer hem niet te laten stoppen, dan merkt hij dat het juist interessant is om te doen. Maar geef hem telkens als hij bonst een plekje waar hij zich geen pijn gaan doen. En laat hem daar zijn gang gaan.
  4. Ook bij dit probleem kun je de kiekeboe-methode goed gebruiken. Stel daarbij voor jezelf een vaste ochtendtijd in. Dat is het moment waarop voor jou de ochtend begint. Op dat moment ga je naar je kind toe en haal je hem met een liedje of een ochtendgroet uit bed, terwijl je de gordijnen opendoet of het licht aandoet. Hij moet leren dat hij alleen bij die signalen uit bed mag, niet eerder. Voor die tijd handel je of het nacht is.

    Overdag meer laten slapen is inderdaad geen optie. Zijn hele schema zal daar alleen maar meer door veranderen. Wat heel belangrijk is, dat je als ouder helaas nooit in staat bent om het slaapgedrag van je kind daadwerkelijk te beïnvloeden. Je kind laat je weten dat het zijn lichaam is, en dat hij daar de baas over is. En dat is ook zo. Wat je wel kunt doen, is de regels zodanig maken, dat je kind merkt dat er geen spannende of leuke dingen gebeuren als hij ’s nachts wakker is. En als je dat drie weken consequent volhoudt, dan ontdekt een peuter dat er eigenlijk niet zo veel aan is om ’s nachts wakker te worden en te roepen. En dan kan hij zelf besluiten om te gaan slapen.

Tenslotte: Omdat je twee drukke peuters tegelijk moet opvoeden kan het misschien moeilijk voor je zijn als mensen met slechts één peuter je adviezen proberen te geven. Hun situatie is toch zo anders, omdat ze maar één kind tegelijk hoeven aan te pakken.

Daarom wil ik je ook adviseren contact te zoeken met ouders die net als jij een meerling moeten opvoeden. Misschien woont er wel iemand in je buurt die ook een tweeling heeft. Dat hoeft overigens niet meteen een peutertweeling te zijn. Mensen met oudere tweelingen kunnen zeer waardevol zijn als het om opvoedadviezen gaat. Zij weten heel goed wat jij nu doormaakt. Hang een briefje op bij de supermarkt, het consultatiebureau, de peuterspeelzaal, het buurthuis of bij de school. Daar komen andere ouders die misschien weer meerlingouders kennen. Wat je ook kunt doen is contact zoeken met Nederlandse Vereniging voor Ouders van Meerlingen: www.nvom.nl