Opvoedingsvragen

Mijn peuter wil per se een jas aan als het warm is

Mijn dochtertje van 3 jaar wil altijd haar jas aan doen ook al is het buiten heel warm. Ze luistert niet als wij zeggen dat een jasje nu niet hoeft omdat het buiten warm is, ze begint dan te wenen ze wil absoluut haar jasje aan. Wat kan ik doen? 

Je dochtertje is drie jaar en zit volop in de peuterpuberteit. Dat is een leeftijd waarin een kind heel graag zelf dingen wil bepalen, wil doen, wil ondernemen. En waarin ze ook haar eigen wil ontdekt. Dat betekent dat ze soms dingen absoluut niet wil, zoals eten, slapen of op het potje gaan. Maar er zijn ook dingen die een peuter heel graag wél wil. En dat kan inderdaad heel goed gaan om dingen die niet zo handig zijn. Zoals een dikke jas aantrekken als het heel warm is. Een peuter voelt zich nu eenmaal de koning van de wereld, en heeft de indruk dat alles om hem of haar draait. Ze moet nog veel leren over wat wel kan en wat niet kan, en over de regels in de opvoeding. Je kunt daarbij als ouders verschillende dingen doen om je kind duidelijk te maken wat mag en wat niet.

Sommige dingen zijn echt te gevaarlijk.

Sommige regels zijn zo belangrijk, bijvoorbeeld omdat ze te maken hebben met veiligheid, dat je je kind absoluut niet de kans wil/kunt geven om te experimenteren met de eigen wil. Bijvoorbeeld een peuter die de weg op wil rennen hou je meteen tegen. Afgelopen uit, veel te gevaarlijk met al dat verkeer. Maar er zijn ook regels die niet direct gevaarlijk zijn, ook al zijn ze in jouw ogen niet zo’n goed idee. En soms kun je je kind daarmee de kans geven zelf te experimenteren.

Laat haar maar zelf ervaren hoe warm het is.

Wil jij je jas aan als het heet is? Prima, je merkt vanzelf wel dat het veel te warm is buiten. Zo leert een kind ook door ervaring. En het kan best een tijd duren voor dat muntje valt hoor. Maar zo ervaart je kind zelf wat handig is om te doen en wat niet. Ga je de strijd met je kind aan over zaken die niet zo heel erg belangrijk zijn, dan kan het leven met een peuter behoorlijk pittig worden. Want een peuter weet nog niet wanneer papa en mama het gewoon heel erg goed bedoelen en het beste met je voor hebben. Een peuter ervaart alleen maar dat gevoel vanbinnen: ik WIL dit. En dat betekent dat een peuter soms heel ver doordramt over zaken die misschien niet zo heel belangrijk zijn, maar die de sfeer in huis behoorlijk kunnen drukken.

Vaste regels, worden na enkele weken vaste gewoonten.

En daarnaast zijn er ook situaties die misschien niet direct gevaarlijk voor je kind zijn, maar die je in opvoedkundig opzicht als ouders wél erg belangrijk vindt. Dat je kind op tijd naar bed gaat bijvoorbeeld, of op het potje plast, of zijn bordje leegeet. In die situaties is het goed om vaste regels te hanteren en die elke dag te herhalen. Raakt je kind door jouw regels in een driftbui, dat komt geregeld voor bij peuters, dan is het goed daar ook een standaard reactie op te geven. Voor een peuter kan het goed zijn hem dan uit de situatie te halen die voor hem te moeilijk is. Dus even apart zetten, en toestemming geven om heel erg boos te worden. Want de boze gevoelens van een kind kun je niet beïnvloeden. Je kunt je kind wel leren dat er bepaalde plaatsen in huis zijn waar je lekker kwaad mag worden. En dat er ook plaatsen zijn waar je dit niet accepteert (bijvoorbeeld aan tafel). Ook dit is een proces van gewenning voor een peuter. Drie weken heeft een kleintje zeker nodig om te wennen aan nieuwe regels. Dan weet een peuter op een gegeven moment: oh, gaat dat zo….